Generatieonaliseren

R-916481-1177539291.jpeg

I belong to the blank generation and

I can take it or leave it each time

I belong to the ______ generation but

I can take it or leave it each time

Blank Generation, Richard Hell & The Voidoids, Blank Generation, 1977

Toen een generatie nog dertig jaar duurde en ik een hevige puber was, twijfelde ik niet aan het bestaan van grote verschillen tussen de generaties. Mijn papa’s huis stond amper 300 meter verder van dat van zijn vader, mijn peppee, maar hij woonde toch in een andere wereld. Een wereld waar er wel plaats was voor een weliswaar zwart-wit televisie, een monster voor peppee, een wonder der techniek voor mijn papa, een vanzelfsprekendheid voor mij.

Met de ganse familie keken we naar de maanlanding waar mijn grootvader doodsbang voor was. “Dan vergaat de wereld”, zei hij ons, “God zal zo’n hoogmoed nooit tolereren”. Ik geloofde hem want hij kon het weten. Hij stond immers dicht bij het opperwezen want hij was suisse in de Zerkegemse kerk, een functie die samen met zijn generatie teloorging en die erin bestond, getooid in Zwitserse Gardekostuum, de gelovigen tot stilte aan te manen. Die maanlanding heeft peppee niet moeten meemaken. Hij stierf drie jaar vroeger aan de ziekte die nog steeds geen generaties kent.

Op diezelfde zwart-wit televisie had ik een jaar eerder, tussen flitsen van bombardementen op Vietnam door, journaalbeelden uit Parijs gezien die mij in verwarring brachten. Ik zag spandoeken met “Sous les pavés, la plage!” en begreep niet dat je de wereld beter kon maken door wegen uit te breken, niet om op zoek te gaan naar het stand eronder, maar om brokken steen naar politiemensen te gooien.

Mijn vader was woedend. Hij was druk aan het sparen voor zijn eerste Opel Kadett en kon weinig begrip opbrengen voor rijkeluiskinderen die auto’s in brand staken. Ik voelde wel iets voor meer vrijheid, de zomer van liefde was me muzikaal niet ontgaan en dus probeerde ik iets positiefs te zeggen over de revolutionairen van Mei ’68. Zo begon de eerste ruzie over maatschappij en politiek ten huize Van Massenhove. Toen ik dat op school vertelde, bleek hetzelfde drama zich in vele huiskamers te hebben voorgedaan. De generatiekloof was een realiteit voor mijn generatie.

Maar nu de ganse wereld overtuigd is van de enorme verschillen tussen generaties – De Standaard wijdt er een wekenlange reeks aan en Knack Focus heeft een ganse vakantie-editie GeneratieNU – antwoord ik, wanneer ik gevraagd wordt naar de verschillen tussen de generaties op de werkvloer van de FOD Sociale Zekerheid, met een hoop slagen om de arm.

Dat heeft niet eens veel te maken met de vaststelling dat een generatie nu blijkbaar maar tien jaar meer duurt. Al bekruipt me wel een zekere twijfel wanneer gesteld wordt dat een dertiger zo verschillend zou zijn van een veertiger, want dan zou een dertiger van 38 helemaal anders zijn dan een veertiger van 42?

Ook de blijvende druk van vrienden zoals Jan Denys en Frederik Anseel, die me beloofden ooit  een boek uit te brengen dat de mythe van generaties voor eens en altijd uit de wereld zou helpen, is niet de oorzaak van mijn twijfel. Natuurlijk hebben ze een sterk punt als ze me erop wijzen dat de menselijke soort evolutionair amper gewijzigd is tijdens de laatste 10.000 jaar.

Maar dan leg ik mijn oor weer te luisteren bij mijn vrienden trendwatchers Tom Palmaerts en Herman Konings die me bezweren dat de omstandigheden waarin je je kinder- en jeugdtijd doorbracht van wezenlijk belang zijn voor hoe een generatie in het leven staat. “Zijn onze meest geliefde rocksongs ons niet ter ore gekomen toen we 16 waren?”, fluisteren ze me dan toe, mijn zwakheden kennende.

Mijn twijfel is er vooral gekomen omdat mijn verwachting over hoe onze mensen zouden reageren op de cultuurwijziging in onze FOD helemaal fout bleek. Toen we daar in 2005 aan begonnen, met het idee “we zeggen onze mensen niet meer zouden opleggen waar, wanneer en hoe ze moesten werken”, mikten we resoluut op de millennials, mensen die na 1986 geboren waren. Maar nu blijkt dat de oudere ambtenaren onder ons nog gelukkiger zijn met de veranderingen dan de jongere. De redenen die ze daarbij opgeven zijn perfect degene die in alle artikels over generaties aan dertigers worden toegeschreven.

Ik weet het echt niet meer, denk ik, en zie op de grote weide in het midden van het begijnhof waar ik woon, een jongen en een meisje aandoenlijk proberen hun onzekerheid weg te stoppen zoals ik dat deed bij mijn eerste liefde. Ik besluit nog eens Ball of Confusion (That’s What the World Is Today) van The Temptations op te zetten. Een hit in 1970.

 

Naschrift

Deze tekst verscheen (in een kortere versie) als column in De Tijd van 13 augustus 2016. Wat al enkele keren eerder gebeurde, was nu ook het geval: sommige lezers lazen in de column hun zekerheid terwijl ik mijn twijfel etaleer. Ik eindig met “ik weet het echt niet meer” maar blijkbaar wordt dat niet ernstig genomen. Daarna kwam iets dat de geen-erationisten gelijk leek te geven (koppeltje) en iets dat welgeniationisten welgevallig zou zijn: een topnummer uit het jaar dat ik 16 werd. ik weet het echt niet, hoor.

Maar ik weet wel zeker dat Richard Hell een onderschatte rockster is. De video van zijn Blank Generation: http://tinyurl.com/phob4cv

Maar de liveversie zegt veel meer over de explosiviteit van het nummer en de punkscene in New York in de jaren zeventig: http://tinyurl.com/n74tjvt

Dit heeft de hedendaagse Richard Hell, niet de beste spreker aller tijden,  over die tijd te zeggen:

Part 1 : http://tinyurl.com/johwvvh (over de invloed van de Velvet Underground)

Part 2 http://tinyurl.com/jpahg3h (over The Modern Lovers, Sex Pistols, Television, hippies en het genie van Andy Warhol)

Part 3: http://tinyurl.com/z8nf3au (over dichter én rockmuzikant zijn, over New York City en over Beat Poets)

Part 4 : http://tinyurl.com/j4f698e (over The New York Dolls en hoe ze hem inspireerden)

Part 5: http://tinyurl.com/jg7b8ug (over Malcolm McLaren en hoe rock anders is in de USA dan in de UK)

Part 6: http://tinyurl.com/hc8o2xc (over The Neon Boys, Slade en David Bowie)

Part 7: http://tinyurl.com/he3hywn (over Richard Lloyd, het begin van Television, CBGB, Patti Smith en Lenny Kaye)

Part 8: http://tinyurl.com/zowga52 (over de achtergrond van songs als Blank Generation en I Don’t Care, over de numbness die ontstond na hippyism, Watergate en Vietnam)

Part 9 : http://tinyurl.com/j2xrram (over de respons van het CBGB-publiek en over hoe hij snel hij geïmiteerd werd)

Part 10 : http://tinyurl.com/hjpduw3 (over CBGB als community en hoe dat gevoel verdween)

Part 11: http://tinyurl.com/jkek5p4 (over volwassen rockjournalistiek, over hoe (on)belangrijk lyrics zijn en waarom The Ramones een intellectual art project waren)

Part 12: http://tinyurl.com/gr4ornz (waarom Television vooral Tom Verlaine was)

Part 13: http://tinyurl.com/goafhts (waarom hij niet bij Televison bleef)

Part 14: http://tinyurl.com/h3qgzrw (over heroine en de naïeve cultuur errond)

Part 15: http://tinyurl.com/hl4j4dt (over de Voidoids en over waarom Robert Quine de beste rockgitarist ever was)

Part 16: http://tinyurl.com/gp3xbf5 (over Sire Records en oude songs opnemen)

Part 17: http://tinyurl.com/hm9g4ta (over het belang van punk in UK en in US, over hoe moeilijk het is om niet in routine te vervallen en over de verveling van toeren)

Over Richard Hell

Richard Hell, geboren in Kentucky als Richard Meyers, was niet in de wieg gelegd om een country muzikant te worden. Hij was absoluut niet country en zelfs geen muzikant. Hij was een aankomende dichter maar na zijn aankomst in New York (samen met Tom Verlaine, né Tom Miller) werd hij snel een punk. Dat was nadat hij de New York Dolls zag optreden en doorhad dat je geen doorgestudeerde muzikant moest zijn om mensen te raken. Samen met Verlaine richtte hij The Neon Boys op, maar ze vonden geen tweede gitarist en traden dus nooit op. Later vonden ze met Richard Lloyd toch een tweede gitarist en een drummer (Billy Ficca) en veranderen hun naam in Television. Ze waren de eerste groep die in Hilly Kristal’s CBGB optraden, de wieg voor de Amerikaanse punk, en werden er al snel zo gewaardeerd dat ze iedere zondag konden optreden. Patti Smith, die zichzelf ook eerder dichteres dan muzikante voelde, schreef over hen in fanzines en werkte met Richard Hell aan een boek dat nooit gepubliceerd werd.

Het werd snel duidelijk dat Television het vehikel van Tom Verlaine was en er weinig ruimte was voor Hell’s composities. Hij verliet (met Quine) de groep, startte samen met Johnny Thunders en Jerry Nolan, die The New York Dolls verlieten, The Heartbreakers op, maar ging daar ook weg. Hij startte samen met Robert Quine, tweede gitarist Ivan Julian en drummer Marc Bell, The Voidoids. In 1977 verscheen Blank Generation, dat een cultalbum werd in punkmiddens vooral door het titelnummer en het magnifieke Loves Comes In Spurs.

Het leek het begin van een fantastische carrière maar Hell’s afkeer voor toeren en zijn affectie voor geestverruimende middelen nekken alle opportuniteiten. Er komt nog een goed tweede album, Destiny Street met het knappe The Kid With the Replaceable Head, maar het laatste dat het grote publiek van Hell herinnert is de rol van lief van Madonna in het nog steeds aankijkbare Desperately Seeking Susan.

Van dan af legde hij zich toe op poëzie. Hij schonk in 2000 de wereld nog een onverwacht nieuw Voidoidsnummer, Oh, op de door Wayne Kramer (van het legendarische MC5) samengestelde postpunkplaat Beyond Cyberpunk http://tinyurl.com/z5ubydt

In 2013 kwam Hell’s autobiografie uit: I Dreamed I Was a Very Clean Tramp, die dezelfde in-your-face attitude heeft als de songs op zijn eerste album.

De samenstelling van de beste American Punkplaat die er nooit was, had kunnen zijn:

MC5 – Kick Out The Jams http://tinyurl.com/hybwrxj

Velvet Underground – White Light White Heat http://tinyurl.com/zpalvu4

Stooges – I Wanna Be Your Dog http://tinyurl.com/mrlhdb3

Patti Smith – Gloria http://tinyurl.com/zlhgmrk

New York Dolls – Personality Crisis http://tinyurl.com/zp34vec

Ramones – Blitzkrieg Bop http://tinyurl.com/pk5n8f9

Heartbreakers – Born To Lose http://tinyurl.com/z893bn3

Richard Hell & The Voidoids – Loves Comes In Spurs http://tinyurl.com/hd3r348

Television – Marquee Moon http://tinyurl.com/o7tyuno

Talking Heads – Psycho Killer http://tinyurl.com/chzkhxb

Blondie – (I’m Always Touched By Your) Presence, Dear http://tinyurl.com/hqc75mz

 

En natuurlijk niet vergeten te kijken naar

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Prikje

R-1677317-1236275225.jpeg

Time means nothing,

One final final round cos

Time means nothing

After hours, We Are Scientists, Brain Thrust Mastery, 2008

In een vrije tribune van Trends (http://tinyurl.com/z9r93qn) pleit Peter s’Jongers, CEO van Protime, ervoor om de prikklok niet te snel naar het containerpark van de arbeidsgeschiedenis te verhuizen. Protime is een softwarebedrijf dat gespecialiseerd is in tijdsregistratie, dus zou je zijn oproep kunnen afdoen als een pleidooi pro domo. Maar dat zou te kort door de bocht zijn want s’Jongers weet heel goed wat er omgaat op de werkvloer. Ook hij heeft het gehad met de ouderwetse prikklok als controlesysteem  voor de werkgever die wil nagaan of zijn werknemers er het hoekje niet van aflopen. s’Jongers weet dat dit een vals gevoel van zekerheid teweegbrengt bij de werkgever.

Bij iedere presentatie krijg ik de lachers op mijn hand met de stelling dat de enige zekerheid die een werkgever heeft met een prikklok is dat iemand een stuk plastiek in een stuk metaal heeft gestopt en dat de kans dat diegene die de handeling uitvoerde op de werkvloer aanwezig groter dan dat hij er niet is. Ook s’Jongers vindt de klassieke prikklok passé: “De ouderwetse prikklok meet presenteïsme, that’s it. We kunnen ons afvragen of dat zoveel beter is dan absenteïsme”.

De nieuwe prikklok volgens de Protime-CEO is een controlemechanisme van de moderne werknemer die flexibel werkt. s’Jongers stelt een  paradox vast bij het verschijnsel van het nieuwe werken: “hoe groter de vrijheid aan werk, hoe groter de nood aan controle van de werknemer over het tijdsgebruik. “Niet registreren waar een werknemer is, maar wat hij doet. Werknemers krijgen dankzij de tijdregistratie, die meet met welke taken ze zich bezighouden, het gevoel dat ze hun tijd nuttig besteden. Ze plannen hun werk zelf en plukken ook de vruchten van die grotere autonomie. Een moderne prikklok zal uiteindelijk meer burn-outs voorkomen dan creëren.”

s’Jongers heeft overschot van gelijk wanneer hij wijst op de noodzaak van de werknemer om controle te hebben over hij doet, maar ik betwijfel of dat op te lossen valt door controle over zijn tijd.

Ik bezweer vakbonden die er beducht voor zijn dat werknemers overbevraagd worden er steeds voor om niet in de val te lopen van het uren tellen. Een achterbakse werkgever is daar maar wat gelukkig mee. Hij maakt geen afspraken over welke resultaten de werknemer moet voorleggen, geeft hem de indruk dat de werkdruk niet stijgt omdat hij niet meer uren laat werken maar verhoogt gluiperig iedere maand de werkstapel . Hij hoeft niet eens overuren te betalen.

Ik pleit voor duidelijke afspraken tussen werkgever en werknemer die  SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdsgebonden) gedefinieerd zijn en voor werkgevers die niet meer aangeven wanneer mensen moeten werken. Je hebt dus de prikklok niet meer nodig want het is en blijft een bijzonder inefficiënt systeem om resultaten te meten.

Maar ik heb er niets op tegen om aan werknemers die dat willen een tijdsregistratiesysteem ter beschikking te stellen dat onzichtbaar is voor de werkgever. Sommigen mensen willen hun tijd inderdaad meten. Daarom laten we mensen in de FOF Sociale Zekerheid toe te kiezen tussen prikken en niet prikken. Toen het systeem in 2009 inging was de verdeling half om half. Nu prikt nog minder dan 10%.

Dat laatste is voorspelbaar, volgens Tamar Avnet (Yeshiva University NYC) en Anne-Laure Sellier (HEC Paris). De twee onderzoekers gingen na hoe mensen werktijd ervaren, en maakten een onderscheid tussen ‘kloktijd’ en ‘taaktijd’.

In het eerste geval verdelen mensen hun dag onder in uren en minuten. In het tweede geval maken mensen gewoon een lijstje, met taken die afgewerkt moeten worden.

Opvallend was dat mensen die vooral in kloktijd dachten, wel productiever, maar tegelijk minder gelukkig. Ze hadden veel minder het gevoel dat ze controle hadden over hun leven. De tweede groep was dan weer gelukkiger en creatiever, maar minder productief. Met andere woorden enkel voor zuivere routinejobs heeft de moderne prikklok nog zin. Maar vooral, de studie ontkracht overtuigend de stelling van s’Jongers dat een moderne prikklok uiteindelijk meer burn-outs zal voorkomen dan het flexibel werken zonder prikklok.

Naschrift

Deze tekst verscheen als column in De Tijd van 30 juli 2016.

Anne-Laure Sellier licht haar haar onderzoek toe: http://tinyurl.com/j8akvk7

Video After hours: http://tinyurl.com/zyomq9f

 

 

 

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Middeldenken

R-66797-1252262559.jpeg

Wrong Decisions Wrong Decisions Wrong Decisions Wrong Decisions, Decisions

Wrong Decisions, Suicide, American Supreme, 2002

Toen Alexander De Croo voorzichtig voorstelde dat een aantal bevoegdheden die eerder naar de regio’s waren doorgeschoven beter geherfederaliseerd zouden worden, waren sneren als achterlijke en Belgicist zijn deel. De Croo ging met zijn uitspraak heftig tegen de nu al decennia durende tendens in dat het enige mogelijke bevoegdhedenbeweging  eenrichtingverkeer naar de deelstaten zou zijn. Nu zal menige lezer denken dat wat ik die éénzijdige tendens  in de vuilbak der geschiedenis wil kieperen en als federale overheidsmanager een onvoorwaardelijk Belgicistische voorkeur zou hebben. Toch niet, al vind ik dat eenrichtingsverkeer haaks staan op goed bestuur. De beste regel om bevoegdheden toe te kennen is het subsidiariteitsprincipe. En met deze zin maak ik me direct schuldig als iets wat absoluut moet opgeruimd worden: het middeldenken.

De mens in het algemeen en de politieke mens in het bijzonder heeft de onhebbelijke gewoonte wanneer hij geconfronteerd wordt met een probleem er onmiddellijk een oplossing voor heeft. Natuurlijk moet de burger in het algemeen en de journalist in het bijzonder hiervoor vele handen in de eigen boezem  steken. Want we verwachten van ministers en partijvoorzitters dat ze bij ieder misstand der dingen stande pede en liefst zonder enige twijfel in de stem aangeven wat er moet gebeuren. Je kunt het hen dus niet kwalijk nemen dat ze dan onmiddellijk in de gereedschapskist van hun ideologie duiken. Die puilt uit met alle mogelijke aftandse middelen maar verder uitblinkt in onwetenschappelijke veronderstellingen die dateren uit de tweede industriële revolutie en die nadien amper bijgesteld werden.

Iedere niet plagiërende aankomende academicus weet dat je bij probleemstellingen het best eerst alle data verzamelt, alle theoretische verklaringen doorneemt, de mogelijke oplossingen in kaart brengt, op zoek gaat naar voorbeelden in binnen-en vooral buitenland en dan een voorzichtige prognose maakt. Die wetenschappelijke methode zie je nagenoeg nooit toegepast in het werkelijke leven.

Dus grijpen politici die vaststellen dat het in ons land erg moeilijk is om gezamenlijk om de milieudoelstellingen te halen of om onze enorme mobiliteitsproblemen op te lossen onmiddellijk naar de voor hen ideologisch interessante oplossingen. Die gaan  altijd uit van de volheid van bevoegdheden, terwijl er nogal wat indicatoren zijn die aanduiden dat zoiets in een complexe wereld waarschijnlijk een mythisch verlangen is.

Je hoeft maar een krant te openen om voorbeelden te vinden van het steeds teruggrijpen naar oplossingen uit de tijd dat de wereld eenvoudig en klein was zonder herijking aan een omgeving die volatiel, onzeker, complex en ambigu is. Als er zich in een overheidsorganisatie of een sterk betoelaagd instituut problemen voordoen, vooral als die financieel zijn, hoor je heel snel de roep naar fusies. Ik maakte het mee met de Vlaamse Opera en het Vlaamse Ballet en het is nooit uit de lucht wanneer er over de redesign van de federale overheid gesproken wordt. “Want dan zijn er schaalvoordelen”, hoor je steevast. In een wereld die zich nog maar weinig gelegen laat aan instituten maar waar driftig gezocht wordt naar netwerkingen over alle mogelijke grenzen heen, is dat al lang niet meer het geval.

Toen de Vlaamse partijen de unieke gelegenheid kregen om fundamenteel over kindergeld na te denken dacht geen enkele partij eraan om voorbij het middel te denken. Je kreeg alleen de bekende kreten als “ieder kind is belangrijk” te horen. Kindergeld was in 1944 een middel om én de lasten van het hebben van ons kind te verlichten én de armoede te bestrijden. in 1944 betekende een kind krijgen, op een  kleine minderheid na, automatisch verarming . In de wereld van 2016 verarmen  de meeste gezinnen niet door het krijgen van kinderen en dus moet je als beleidsmaker kiezen tussen de twee doelstellingen. De Vlaamse Regering koos niet en wat moet gebeuren als je alleen over het middel en niet over de doelstellingen denkt, gebeurde: een halfslachtige keuze, die wanneer er wetenschappelijke kritiek op kwam, leidde tot het zwijgen opleggen van een rasacademica als Bea Cantillon.

Kris Peeters vond er in zijn speurtocht naar werkbaar werk niets beters op dan uren niet meer per week maar per jaar te tellen, terwijl de arbeidsresultaten voor het gros van de werknemers helemaal niet meer in uren en aanwezigheid moeten uitgedrukt worden. Er komt veel kritiek op het Plan Peeters maar niet op het feit dat het middel om resultaat te tellen in een overwegend industriële omgeving zonder veel nadenken wordt gebruikt in een kenniseconomie.

Laat ons vooral niet denken dat het voorbijgaan aan voorafgaande analyses beperkt is tot het politieke niveau. Het middeldenken scheert hoge toppen in menige organisatie en bedrijf.  Als er zich een probleem voordoet is de gebruikelijke reactie een vergadering bijeenroepen. Terwijl dat maar één van de middelen is, is de vergadering voor de meeste managers een doel.

Een bede aan iedereen die professioneel beslist: onderdruk de doener in je, neem de tijd om je te informeren, tik alle alternatieven op hun efficiëntie af, volg desnoods een cursus “wetenschappelijke methodes” en verlos de wereld van onnuttige maatregelen, onwerkbare wetten en frustrerende reglementen.

 

Naschrift

Deze tekst verscheen in verkorte vorm in De Tijd van 27 juli 2016 onder de titel “Het middeldenken scheert hoge toppen” in de zomerreeks De Prullemand.

Voor Bart Derre was mijn stukje de reden om in zijn geïnspireerde pen te kruipen :

Professionele beslissingen nemen…

Wrong Decision’s video: http://tinyurl.com/he9wgah

Suicide is in België vooral bekend omdat hun muziek in 1978 voor een echte volksopstand zorgde in de Ancienne Belgique. De band stond er in het voorprogramma van Elvis Costello, die een tweede volksopstand ontketende door zijn weigering bisnummers te spelen. Hij was razend omwille van de reactie van het publiek op de muziek van Suicide.

Die 16 juni 1978 was de eerste keer dat ik echt bang was tijdens een rockoptreden. De sfeer was onvoorstelbaar agressief. De Costellofans wilde geen voorprogramma en gaven Suicide geen kans. Maar dat was niet de enige reden: de muziek van Suicide was ongekend in alle betekenissen van het woord.

Als je echt wil horen hoe het eraan toeging in de AB: http://tinyurl.com/h5yxxp3 en als je het wil lezen: http://tinyurl.com/js4fmj8

Zelfs nu klinkt hun eerste plaat http://tinyurl.com/mxnn6hb een beetje op Metal Machine Music van Lou Reed, maar het plaveide in realiteit de weg voor Jesus & Mary Chain, This Mortal Coil en andere feedbacklovers.

Later maakten vocalist Alan Vega en keyboardwonder Martin Rev meer toegankelijke muziek (al lijkt het nooit op mainstream). Hun “Suicide: Alan Vega · Martin Rev”-album uit 1982 op het legendarische ZE-label is een goudmijn voor zoekers naar sublieme elektronische rocksongs. Probeer zeker eens het majestueuze Diamonds, Fur Coat, Champagne http://tinyurl.com/jdmchp7

Beide Suicideleden maakten soloplaten die de moeite van het opzoeken zijn.

Op Martin Rev’s eerste (1980) staat Baby Oh Baby. Voor wie van de Young Marble Giants uit hun Colossal Youth-tijd houdt of van de eerste Kraftwerk: http://tinyurl.com/ju8myel

Uit Alan Vega’s eerste (1981), ook een baby, maar een gans andere, een kleindochter van Gene Vincent: Jukebox Baby: http://tinyurl.com/ktef5ey

Alan Vega stierf op 12 juni 2016.

Big Scott schreef een mooi in memoriam: http://tinyurl.com/z9pytyx

 

 

 

 

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

Mooie zomer

R-8564175-1464121812-9874.jpeg

I’ll lay the basket and blanket out neat

 Even though weathermen say there’ll be sleet

 When you come around  you bring the Summer

You Bring The Summer, The Monkees, Good Times!, 2016

Op één van mijn zaterdagse strooptochten langs de heerlijke voedselneringen van mijn geliefde Gent, stootte ik op een groepje jonge mensen in Kom Op Tegen Kanker-T-shirts die hun spullen met jeugdig enthousiasme, Gentse humor en massa’s charme aan voorbijgangers probeerden te slijten. “Waarom doen jullie dit?”, vroeg ik hen. “Omdat het voor een goeie zaak, hé, mijnheer”, was het wat verbouwereerde antwoord van een blond meisje dat er wat ouder uit zag dan de anderen. “Werk je al?, vroeg ik. “Ja”, zei ze met enige trots, “bij X”. Toen ik haar vroeg of ze ook voor X op zaterdag vrijwillig reclame zou maken op de Korenmarkt, draaide ze spectaculair met de ogen. Je zag haar zo  denken dat ik ze niet allemaal goed bij elkaar had.

Hoe komt het dat vrijwilligers zich zo betrokken voelen bij een vzw en niet bij een werkgever? Wat mensen als vrijwilligers doen voor vzw’s verschilt toch niet zo veel van wat ze doen voor een werkgever: ze werken in groepsverband voor gemeenschappelijke doelstellingen. Het verschil is dat je er als vrijwilliger niet voor betaald wordt. Hoe komt het dat het loon mensen minder betrokken maakt? Het blonde meisje maakte het duidelijk: omdat ze zich terugvinden in het hogere doel van de vzw. In de meeste bedrijven en administraties kennen mensen die hogere doelstelling niet of nauwelijks. Ik kreeg dikwijls  “winst” of “efficiëntie” te horen als ik het navroeg. Blijkbaar vinden de meeste werkgevers dat hun werknemers het werk moeten uitvoeren omdat ze hen betalen en vinden ze het niet de moeite om met hen te overleggen hoe de waarden kunnen ingevuld worden en de gewenste resultaten bereikt. Dat mensen grote voldoening en zelfwaardering putten uit samenwerken voor iets dat groter is dan henzelf, ontgaat hen.

Loon zorgt er ook voor dat werkgevers menen te mogen beslissen wanneer en waar hun werknemers moeten werken. Als dat zin heeft, en goed uitgelegd wordt of nog beter, wanneer ze zelf tot de constatatie komen dat dit voor sommige functies nodig is, wordt dat ook gepikt. Maar als werknemers doorhebben dat de flexibiliteit die de werkgever hen vraagt misschien wel gemakkelijk is voor het management maar niet strikt nodig is om de resultaten te bereiken, gesteld dat ze die kennen, dan zie je de betrokkenheid smelten als sneeuw voor de zon. Die onbetrokkenheid kan omslaan in zuivere woede wanneer werknemers contact hebben met collega’s in andere bedrijven of organisaties waar werkgevers wel inzien dat tegenover een nodige flexibiliteit voor de werkgever een even grote flexibiliteit voor de werknemers om hun privéleven te organiseren hoort te staan. In Frankrijk wordt van entreprises liberées genoemd en dat is niet eens zo’n Mei 68-achtige benaming. Mensen voelen zich ook bevrijd als de werkgever niet meer als vanzelfsprekend beslist waar en wanneer ze moeten werken. In 2005 bekeken  we op de FOD Sociale Zekerheid welke functies niet in aanmerking kwamen om plaats- en tijdsonafhankelijk te werken en dat bleek maar 8% te zijn. Het was het begin van een onwaarschijnlijk avontuur waar niemand, ook ik niet, zich aan verwachtte. Alles moest gedigitaliseerd worden, onze chefs werden coaches (en stilaan overbodig) en er bleef van hiërarchie niet veel over (want contraproductief). De positieve resultaten bleven niet uit.

Onze mensen hebben minder met burn-out te maken en er is minder ziekteverzuim maar het komt natuurlijk nog voor. De totaal zinloze lineaire besparingen (snel zeggen dat besparingen nodig zijn maar dan wel slimme, anders komt er weer een karrevracht verwijten onze richting uit) zorgen voor een veel te grote werklast en voor demotivatie die door geen enkele bedrijfscultuur, hoe authentiek ook, kan tegengegaan worden. En natuurlijk zijn er steeds de persoonlijke factoren. Maar onze ervaring is dat als je mensen veel meer autonomie en vertrouwen geeft, als mensen zich veilig voelen als ze risico’s nemen, en als ze veel meer tijd kunnen doorbrengen met familie en vrienden, ze beter gewapend zijn tegen burn-out.

Daarom steun ik volop de plannen van minister Vandeput om de prikklok in de federale overheid af te schaffen en thuis- en satellietwerken maximaal toe te staan. Voorwaar een minister die niet alleen bezig is met wat ambtenaren moeten doen maar ook hoe ze het moeten doen (en die beslissing ook bij hen wil leggen). Mocht hij nu nog zijn collega van begroting overtuigen om verstandig te besparen, en als de overheidsvakbonden inzien dat het geluk van de ambtenaren belangrijker is dan uren tellen, wordt het voor de federale overheid de mooiste zomer in jaren.

 

Naschrift

Deze tekst verscheen als column in De Tijd van 16 juli 2016.

Video You Bring The Summer van The Monkees: https://www.youtube.com/watch?v=n_D6XNpYxdU

The Monkees brachten 52 jaar na hun eerste weer een album uit, geproducet door Adam Schlesinger (Fountains of Wayne) met nummers uit de jaren zestig die nooit wereldkundig waren gemaakt (en opnieuw zijn opgenomen) maar vooral met nieuwe songs geschreven door hedendaagse songwriters zoals Rivers Cuomo van Weezer en Ben Gibbard van Death Cab for Cutie. The Monkees hadden altijd al oog voor mensen die hits konden schrijven. In de jaren zestig namen ze songs op van Neil Diamond (I’m A Believer https://www.youtube.com/watch?v=2EqneoPcjwU) en het toen zeer populaire duo Tommy Boyce en Bobby Hart (het heerlijke (Theme From) The Monkees https://www.youtube.com/watch?v=hUzexePjWlI en vroeg- Beatleaanse songs als  Valleri https://www.youtube.com/watch?v=QWTa9CE51sA en Last Train To Clarksville https://www.youtube.com/watch?v=ZcXpKiY2MXE

Waarom The Monkees terwijl er zoveel meer en mooiere  zomersongs zijn, zal de hardnekkige lezer denken. Wel, ze zijn altijd al een guilty pleasure geweest. Net zoals zoveel popgroepen uit de jaren zestig, als daar zijn The Bee Gees uit hun eerste periode (Ronnie knipt zijn haar – Spinvis), Dave Dee, Dozy, Bicky, Mich & Tich (wat was ik trots dat ik dat zonder hapering eruit kreeg), The Amen Corner of The Tremeloes.

Maar de zomer was toch vooral iets waar Amerikanen het best konden over zingen, zelfs in één van de politiek bloedigste decades uit het U.S.-bestaan. Greepje:

Windy van The Association https://www.youtube.com/watch?v=RsY8l0Jg3lY

Summer In The City van Lovin Spoonful https://www.youtube.com/watch?v=m648v4s5sFc

en natuurlijk alles van The Beach Boys.

Die laatsten spreken nog altijd tot de verbeelding, ook voor mensen die 30 jaar later geboren werden. The Explorers Club lieten net hun nieuwe album “Together” (meer sixties kan je een titel niet verzinnen) op de wereld los en die lijkt helemaal door Brian Wilson geschreven te zijn. Luister maar eens naar, jawel, California’s Callin’ Ya  https://www.youtube.com/watch?v=oe0RESujmqM

Maar eigenlijk koos ik dit nummer niet zozeer uit nostalgie maar omdat het geschreven werd door Andy Partridge, die al zoveel mooie dingen voor XTC schreef. XTC waren al snel niet meer de nerveuse new wave-band die ik in 1977 in het voorprogramma van Talking Heads zag (in, godgeklaagd, Zedelgem samen met geen 50 mensen). In 1986 maakten ze het aan Beatles en Beach Boys schatplichtige album Skylarking met de uiterste zomersong Grass (weliswaar door Colin Moulding geschreven) https://www.youtube.com/watch?v=ZCsnw9Eltxk

Op datzelfde Skylarking stond de meest bekend XTC-song Dear God (geschreven door Andy Partridge): https://www.youtube.com/watch?v=hk41Gbjljfo

Andy was ook verantwoordelijk voor  Towers Of London, heerlijke guitaarock uit 1980 https://www.youtube.com/watch?v=JRNHbBg6HVc terug te vinden op Black Sea waarop ook het Colin Mouldingmeesterstukje Generals and Majors https://www.youtube.com/watch?v=LCW6Kte2o1A

 

 

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

De-Cameron

R-1506696-1325862817.jpeg

I am bored from the event

 I really don’t understand the situation

 And it’s no game

 Documentaries on refugees

 Couples ‘gainst the target

 You throw a rock against the road

 And it breaks into pieces

 Draw the blinds on yesterday,

 And it’s all so much scarier

It’s No Game (No. 1), David Bowie,  Scary Monsters, 1980

Leerling-tovenaar David Cameron dacht het vuur van de anti-Europafractie in zijn partij te doven door een referendum. Het was “Putting Out Fire With Gasoline”. Daarmee zette hij, met een hooghartige arrogantie die in stiff-upper-lip-middens met intelligentie verward wordt, voor de Britten en  voor alle andere Europeanen sinistere deuren naar de toekomst open. The Man Who Sold The World had zelfs geen plan voor het geval zijn ideetje verkeerd uitdraaide, blijkt nu. Het was maar een spelletje, zoals hij en Boris “Cracked Actor” Johnson er indertijd zoveel speelde toen ze de Bullington Club aanvoerden. Vroeger eindigden de escapades van de als tweedehandse Duran Duran verkleedde club rijkeluisventjes steevast met stukgeslagen pubs. Nu sloegen de slechtste Prime Minister ever en de slechtste Londense burgemeester ooit, het United Kingdom in gruzelementen.

Ondertussen blijft Labourleider Corbyn koppig zijn queeste naar onverkiesbaarheid verderzetten met standpunten die, in zijn hoofde, sedert 1972 niet meer gewijzigd zijn. Zowel de Conservatieven als Labour komen verwilderd en verdeeld uit de volksraadpleging. Een implosie van hun partijen kan niet meer tot de onmogelijkheden gerekend worden. Dit alles tot groot genoegen van Scottish First Minister Nicola Sturgeon die zich snel bij Juncker aanmeldde met de bede om nog even te wachten met het wegwerken van de 28e ster op de Europese vlag. Straks ligt in restland England de weg vrij voor Scary Monsters And Super Creeps zoals Nigel “I’m Deranged“ Farage. Ergens diep in Bali, licht David Bowie’s asse op in diepe weerzin over zoveel lichtzinnigheid, over zoveel sound en no vision.

Zoals steeds wanneer het onmogelijke gebeurt, vullen de kranten zich met analyses van experten die, met dezelfde stelligheid waarmee ze uitlegden waarom er nooit een Brexit kon komen, nu verklaren hoe het zover is kunnen komen.

Volgens sommigen heeft het met afkeer voor migranten te maken. Blijkbaar is de U.K. van de ene op de andere dag een racistische staat geworden. Als bewijs wordt verwezen naar de walgelijk racistische brieven die in brievenbussen van Britten van Poolse origine worden gestopt en naar laffe brandstichtingen in halalvlees verkopende beenhouwerijen. Daarmee wordt voorbijgegaan aan wat leden en sympathisanten van het National Front uitspookten in de jaren zeventig. Zielig racisme met nare incidenten is van alle tijden, in alle maatschappijen.

President Obama verklaarde plechtig dat de uitslag het gevolg is van de globalisering en de verhuis van westerse industriejobs naar lagelonenlanden. Obama leest veel boeken maar hij moet Martin Fords Rise Of The Robots gemist hebben. Ford toont aan dat het enorme verlies aan industriebanen in 1950 begint en bijna lineair doorgaat tot 2000. Dat arbeiders om die reden nu massaal voor Leave stemden, zou wel een zeer laattijdige reactie zijn.

Misschien heeft hun gedrag minder met globalisering te maken dan met de onvrede dat er geen nieuwe jobs voor hen gekomen zijn. Het is de centrale stelling in Fords boek: we stevenen af op een wereld met schaarse jobs. Banen vallen ten prooi aan derde-generatie-robots, die met hun capaciteit voor deep learning en toegang tot meta-databases en big data, niet alleen routineuze banen vervangen maar ook massaal veel middenklassejobs vernietigen.

Voor wie dit als verre sciencefiction afdoet, verwijst Ford naar de jobaangroei onder Obama, die toen hij in volle bankencrisis aan de macht kwam, werd geconfronteerd met groot jobverlies. In 2015 kon hij aankondigen dat er weer evenveel jobs waren in de U.S. als in 2007. Maar wat hij niet zegde was dat slechts een kleine minderheid van alle middenklassejobs die verloren gingen, terugkwamen als even goede of beter betaalde banen. Het gros ervan was slecht(er)betaald.

De Oxfordprofs Carl Frey en Michael Osborne berekenden dat in de komende twee decennia tot 47% van de huidige jobs in de Verenigde Staten wegens automatisatie bedreigd zijn. Vele mensen, waaronder minister Kris Peeters, denken dat dit verlies kan opgevangen worden door de creatie van digitale banen. Frey en Osborne berekenden dat sedert 2000 slechts 0,5% van de Amerikaanse werkenden de shift konden maken naar digitale jobs. De grootste banengroei wordt in de gezondheidszorg verwacht, maar de 4 miljoen jobs die daar voorspeld worden, kunnen onmogelijk de jobdestructie compenseren.

Nogal wat analisten wijzen de teloorgang van de middenklasse in de USA aan om de anti-establishment-stemming in de Verenigde Staten en de opgang van Trump en Saunders te verklaren. Het zou ook de sleutel kunnen zijn voor het raadsel van het onverwachte pro-leave overwicht. Als zou blijken dat de sleutel past, wordt daarmee gelijk de doos van Pandora van deze eeuw geopend: hoe organiseer je inkomen en zingeving in een wereld waar arbeid het werk van machines is?

 

Naschrift

De studie van Carl Frey en Michael Osborne: http://www.inet.ox.ac.uk/news/automation-impact

De EU-vlag telt maar 12 sterren. Er moet er geen af. Poëtisch misbruik.

David Bowie: It’s No Game: https://www.youtube.com/watch?v=vWTQ3vshLNY

Zelfs een modale Bowiespotter zal het gezien hebben: het eerste deel van de columns stikt van de verwijzingen naar David Bowie.

Cat People (Putting Out Fire), meegeschreven door Giorgio “I Feel Love” Moroder, was een singletje uit de soundtrack Cat People (een erotic horror film uit 1982 van Paul Schrader). Bowie zingt het met zijn diepste “Berlin”-stem. http://tinyurl.com/d5hb6j8

The Man Who Sold The World, bekend geworden toen NIrvana het unplugged bracht, (http://tinyurl.com/q73c29y), was de titelsong van Bowie’s officiële tweede album. Natuurlijk vind ik  Bowie’s versie beter (alleen al om de stemvervorming en die heerlijke percussie) : http://tinyurl.com/aoh94xr

Cracked Actor is een vergeten pareltje uit zijn Aladdin Sane album. Boris Johnson is het soort wezen waar een zin als “You sold me illusions for a sack full of cheques” perfect bij past. http://tinyurl.com/j2vyezu

Een videofilm over hem (let er eens op hoe hij ‘I’m old-fashioned”zegt) draagt dezelfde titel: http://tinyurl.com/j6xbhhv

Scary Monsters (And Super Creeps), titelsong van zijn “terug naar de rock” album na zijn Berlijntrilogie uit 1980, met de totaal onderschatte Robert Fripp op gitaar: http://tinyurl.com/afb2eya

Sound And Vision, uit Low: http://tinyurl.com/kwdp7l6

I’m Deranged, uit Outside (The Nathan Adler Diaries: A Hyper Cycle), dat ook op de soundtrack van Lost Highway uit 1997 te vinden is: http://tinyurl.com/zm78dr6

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Zeg Maar Goeiendag

R-1816637-1299956406.jpeg

The antique people are down in the dungeons
Run by machines and afraid of the tax
Their heads in the grave and their hands on their eyes
Hauling their hearts around circular tracks
Pretending forever their masquerade towers
Are not really riddled with widening cracks
And I wave goodbye to iron
And smile hello to the air

Goodbye And Hello, Tim Buckley, Goodbye And Hello, 1967

Op 6 juni ging de actie Zeg Maar Goeiendag van start en dat zal zelfs de meest fervente voetballiefhebber niet ontgaan zijn. Het initiatief ging uit van Fons Van Dijck en die man weet hoe je iets in de markt zet. Toch ruikt de website (htpp://zegmaargoeiendag.be) niet koel commercieel want onder iedere poster en elke sociale-mediasuggestie voel je gemeende onrust voor de gevolgen van de komst van vluchtelingen, jobontwrichtende globaliserende economieën en aanslagen die geografisch en sociologisch steeds dichterbij komen.

“We sluiten ons af van de buitenwereld. De Ander boezemt ons ongerustheid in”, stellen de initiatiefnemers, een bijzonder gevarieerde groep ondernemingen en bekende mensen, vast. Welk advies geven Wouter Torfs, Dave Sinardet, Fons Leroy en nagenoeg alle media en sociale partners ons? Zeg goeiendag tegen een wildvreemde!

Het was te verwachten dat er gniffelende reacties zouden komen. Het Bond Zonder Naam-slogangehalte was te hoog voor wie pavloviaans ieder oprecht gebaar als onnozel sentiment afdoet.

Toegegeven, ook ik meesmuilde toentertijd met slogans als “Verander de wereld, begin met jezelf”. Ondertussen heb ik door dat de wereld veranderen niet zo eenvoudig is en dat jezelf veranderen verrekt veel moed vergt. De wereld zou mooier zijn mocht die slogan boven ieder ministerieel bedje hangen met ernaast “ego + persoonlijkheid = constant”.

Een paar jaar geleden vroeg BZN ons al iedereen met een brede glimlach goeiendag te zeggen en daar deed ik helemaal niet meer schamper over, want ik had gezien wat die attitude teweegbracht in onze FOD, die met zijn omvang en zijn samenstelling een microkosmos van België kan genoemd worden. In 2007 vroegen we al onze medewerkers wat onze waarden – respect, vertrouwen, zelfontplooiing, klantgerichtheid en resultaatsgerichtheid – volgens hen betekenden.  Hoog op de hitparade verscheen “Iedereen moet aan iedereen goeiendag zeggen”. Daar schrokken we van. Waren we dan zo’n boertige bende die elkaar achteloos voorbijliepen? Na een paar dieptegesprekken bleek dat het zinnetje bijster weinig te maken had met hoe ambtenaren met elkaar omgingen maar hoe sommige bazen hun mensen behandelden. “Het is al ver gekomen als je nu nog vriendelijk moet zijn tegen ondergeschikten”, was de opmerking van iemand die gelukkig al lang onze gelederen heeft verlaten.

Onwillekeurig moest ik denken aan het verhaal van een toenmalige collega-kabinetschef bij wie de receptioniste haar ontslag kwam aanbieden omdat ze dacht dat haar minister ontevreden was over haar werk. “Waarom denk je dat?”, vroeg mijn collega. “Omdat hij me iedere morgen voorbijloopt zonder goeiendag te zeggen”. Toen mijn collega dat voorzichtig te berde bracht bij zijn minister was het antwoord: “Zeg, ik ben wel minister, hé.” Hetzelfde beeld schetste een Optimawerkneemster deze week van haar baas Jeroen Piqueur: “In de vier jaar dat ik hier werk heeft hij nooit goeiendag gezegd.”

Dit soort gedrag betaalt een organisatie in cash en daarom hebben we in onze FOD alles op alles gezet om dat soort bazen eruit te werken. De vijfhonderd  gedragingen dat het waardenonderzoek opleverde werden opgenomen in de vragenlijst waarmee ze hun chefs evalueren. Pavlovianen, opgelet hier volgt iets waar jullie niet tegen kunnen: zowel chefs als ambtenaren zijn tevreden met de resultaten en samen zijn we tevreden met onze bedrijfsresultaten. Want mensen zeggen elkaar eerst goeiendag en ’s anderendaags praten ze al met elkaar. Over om het even wat. Ook over wat er verkeerd gaat op hun dienst. Dikwijls heeft iemand waarmee je praat daar ervaring mee, of kent hij iemand die er een oplossing voor vond. Zo worden de meeste problemen al opgelost vooraleer de topmanagers weten dat er zich een probleem stelde. In een lerende organisatie heerst een klimaat van ontmoeting. De eerste stap is “goeiendag”.

Op een ochtend in 2008, werd ik bij mijn binnenkomen geconvoceerd door mijn receptionisten. “We willen eens praten over goeiendag zeggen.” “Ah ja,”, vroeg ik, “lopen onze mensen jullie voorbij?” “Neen, neen”, zeiden ze “maar de gasten doen dat wel. Maar alleen als ze buitengaan. Als ze binnenkomen zijn ze meestal vriendelijk, anders komen ze natuurlijk nooit waar ze moeten zijn. Maar bij het buitengaan, zijn we lucht voor hen.” Ze hadden twee suggesties: “Vraag hen op het einde van de vergadering om ook bij het buitengaan even te knikken en wil je daar zelf op letten als je ergens anders op bezoek gaat?” Sedertdien let ik daar extra op. Ik bedank iedereen en knik naar iedereen. Als ik ergens ga spreken, loop ik na afloop alle receptietafeltjes af om iedereen te bedanken voor hun interesse. Ondertussen blijkt dat deze eenvoudige handeling hen meer doet geloven in ons verhaal dan de presentatie zelf.

Cynische pavlovianen zullen nu waarschijnlijk boven het toilet hangen. Daar horen ze ook.

 

Naschrift

Dit was de column in De Tijd van 18 juni 2016.

De vijfhonderd  gedragingen voor evaluaties: http://tinyurl.com/haqmt7k

Video Tim Buckley, Goodbye And Hello: http://tinyurl.com/l7qwyh2

Als je gaat zoeken naar opgewekte songs met titels die “hello” of “good day” bevatten, kom je al heel snel in de sixties, wat toch iets zegt over de opgewektheid (volgens pavlovianen is dat naïviteit) van die periode. Een willekeurige greep.

The Easybeats, het Australische groepje dat we kennen van Friday On My Mind, maakte wel meer knappe singles. Hello How Are You is een perfect voorbeeld http://tinyurl.com/hys9ycv Geschreven door Harry Vanda en George Young, die later ook juweeltjes aanleverden voor Flash And The Pan en vele andere Aussie groepen. Brede interesse had dat duo: ze produceten ook AC/DC-albums.

Het bekendste “Hello”-nummer was niet de beste song ooit van The Doors. Hello I Love You was wel een grote hit in 1968: http://tinyurl.com/muk7tjd

In 1969 scoorde Amen Corner een pophitje met Hello Suzie, geschreven door de vergeten grootheid, Roy Wood, de echte frontman van The Move, die later samen met het bekende Move-lid Jeff Lynne Electric Light Orchestra oprichtte: http://tinyurl.com/jblyy3b

The Move nam het nummer zelf ook op en dat rockte wel: http://tinyurl.com/jzpxqvc

The Nazz zal waarschijnlijk geen belletje doet rinkelen maar Todd Rundgren wel natuurlijk. The Nazz was zijn begingroepje. Hello, It’s Me was één van zijn grootste hits. Maar de oorspronkelijke versie was die van The Nazz: http://tinyurl.com/jxke6cs

Todd Rundgren’s versie: http://tinyurl.com/ngrx6hr

Tim Rose, die Morning Dew componeerde en een trage versie van Hey Joe opnam die later Jimi Hendrix inspireerde, schreef het onbekend Hello Sunshine. En John Peel, jawel dé John Peel, nam er een versie van op: http://tinyurl.com/zaj4k6m

Shocking Blue voelde de post-hippienachtmerrie naderen met hun Hello Darkness: http://tinyurl.com/hunm8p6

Natuurlijk kunnen de opgeweksten van de tijd The Beatles met hun Hello Goodbye http://tinyurl.com/oc325lm en Good Day Sunshine http://tinyurl.com/hfjl4tq

Ook in the aughties wordt goeiendag gezegd. Zelfs tegen de paus mag dat, vond James Dean Bradfield, de frontman van The Manic Street Preachers: http://tinyurl.com/hnvxaqo

Als zelfs David Lynch je vriendelijk een Good Day Today toewenst, waarom zou jij het ook niet doen? http://tinyurl.com/ol4phpd

 

 

 

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

Ondankbare Hond

MI0001776763

There ain’t no easy way

No there ain’t no easy way out

There ain’t no easy way

No there ain’t no easy way out

Black Rebel Motorcycle Club – Ain’t No Easy Way, Howl, 2005

Een ABVV-vakbondssecretaris vertrouwde mij deze week twittergewijze toe dat een FOD-voorzitter best voorzichtig en terughoudend is. Hij is al jaren een goede kennis en het was een welgemeende raad.  Meestal is de raad uit die hoek minder vriendelijk. Nu en dan kreeg ik een stille wenk van cabinetards op socialistische kabinetten dat er bij hun minister aangedrongen was om me te verbieden nog verder in de media op te duiken. Iedereen die me een beetje volgt weet dat ik geen vakbondshater ben maar syndicale organisaties aanmoedig om te vervellen tot hedendaagse organismen.  Maar een vakorganisatie in egelmodus ontwaart de vijand ook in mensen die nadenken over de functie van syndicale organisaties. Zoals Vlaams-nationalisten alles als een kaakslag aan Vlaanderen ervaren, zo voelt de ABVV-top zich geschoffeerd door iedere afwijkende mening over hun organisatie.

Een andere kennis van me, die jurist is en SP.a-politicus met een belangrijke uitvoerende functie like-te het bericht. Waarschijnlijk nam de jurist in hem daarbij de overhand want die vinden altijd al dat mensen beter voorzichtig en terughoudend moeten zijn. Dat ik zo’n beroerde jurist ben heeft daar veel mee te maken. De like maakte me ongerust: een politicus die de baas is over een flinke schare ambtenaren hoort leidende ambtenaren niet aan te manen voorzichtig en terughoudend zijn.

Het leidt tot een omerta-organisatiecultuur die door Elke Wambacq en haar vriendinnen Dinobusters treffend beschreven werden in “Als ambtenaar bij de overheid steek je het best je nek niet uit” (http://tinyurl.com/jvyeknh). “De (Vlaamse)ombudsman klaagt aan dat ambtenaren niet altijd met de media mogen praten. Bepaalde topambtenaren verbieden het spreekrecht, al doen ze dat subtieler dan beschreven. Daardoor smoren ze innovatieve initiatieven en het constructief ter discussie stellen van de overheid van binnenuit.”

Niet zelden is die attitude ingegeven door schrik voor hun politieke bazen die hen aanmaanden voorzichtig en terughoudend te zijn. Het zou wel eens slecht kunnen uitdraaien bij de evaluatie. Ooit werd ik door een hoge sp.a-cabinetard gevraagd om een beleidsvoorbereider van mijn FOD het schrijfzwijgen op te leggen. Die durfde het aan in een internationaal tijdschrift juridische vraagtekens te plaatsen bij een maatregel van zijn politieke baas. “Dat zou onder ogen kunnen komen van mensen bij de Europese Commissie die ons kan dwingen het in te trekken”. Ik ben nog altijd woest op mezelf dat ik die vent geen draai rond zijn oren heb gegeven maar bedaard heb uitgelegd dat ik instond voor de vrije meningsuiting van mijn mensen.

Het zijn vooral mensen uit de beweging waar ik lang actief ben geweest die me aanmanen om te zwijgen.  Opvallend: hun kritiek wordt nagenoeg nooit door argumenten gestaafd. Toen ik in één van deze columns de SP.a op de korrel nam omdat ze grote kritiek had op de huidige coalitie die geen vermogenwinstbelasting wilde invoerde maar er in de lange periode dat ze aan de macht was, geen enkele poging toe had ondernomen, reageerde Freddy Willockx in Knack dat ik aanmatigend was en me beter kon beperken tot de dingen waar ik iets van afwist. Maar Freddy is een eerbaar man. Toen we elkaar tegen het lijf liepen excuseerde hij zich voor zijn uitval. “Het is hard als iemand die vroeger van ons was zo’n harde kritiek geeft.”

Het is een steeds terugkerende boodschap. “Ik sta soms met droevige verwondering te kijken naar de wijze waarop je de free speech gebruikt om stevig te kappen op een beweging waar we (en dus ook jij) veel aan te danken hebben”, kreeg ik nog deze week te lezen. De boodschap is niet “je vergist je want je houdt geen rekening met volgende elementen” maar “ondankbare hond”.

Waarom kan een beweging die ontstaan is uit weerzin tegen dogma’s, zo slecht tegen kritiek? Waarom worden vrije denkers die niet meer geloven dat alle waarheid in één ideologie samengebald zit, verketterd en niet aan de borst geprangd? Omdat ze het “Ni Dieu, Ni Maître”-T-shirt zouden bevuilen?

Maar vooral, waarom moet iemand zijn ideologische zuil blijvend dankbaar zijn? “Omdat je zo’n mooie kansen kreeg”, krijg je dan te horen. Zeker, maar mag ik er ook op wijzen dat het jobs waren die de 24/7 dicht benaderden en waar er amper tijd was voor familie en vrienden? Als je dat jarenlang deed, is er dan niet genoeg terugbetaald? Als de socialistische beweging dat vindt dan moet ze stande pede alle stakers voor ondankbare honden uitschelden, ze aanmanen snel het werk te hervatten en hen opleggen zich diep te verontschuldigen tegenover hun werkgever voor hun grove ondankbaarheid.

Loyauteit is en mooie deugd maar het is geen absoluut beginsel. Voor je het weet verval je in schuldig zwijgen. En dan is het kleine stap voor je bij schuldig verzuim verzeilt.

De hier beschreven ervaringen zijn natuurlijk niet uniek voor de socialistische beweging. Het is zelfs klein bier bij de bij wijlen bloedstollende verhalen die ik hoorde van mensen die afstand namen van  hun politieke partij. Die gingen van aanhoudende pesterijen tot regelrechte broodroof.  Iemand die ik vroeger verafschuwde omwille van zijn politieke ideeën verzuchtte dat uit Scientology stappen gemakkelijker moet zijn dan te breken met zijn partij die ook zijn werkgever is. Hij vreesde de gevolgen ervan meer dan werkloos worden. Het is door organisaties met die cultuur dat ons land bestuurd wordt.

Die gesloten interne cultuur vertaalt zich in de wijze waarop met mensen in andere partijen en ideologische organisaties gecommuniceerd wordt. Het schelden, demoniseren en persoonlijk aanvallen overschaduwt constant het inhoudelijk debat. François Cauliez klaagde het aan in de meest gelezen lezersbrief van de week, “Beste ‘Powers That Be’, We Zijn Het Beu” (http://tinyurl.com/htqeeo7).

Cauliez beschreef perfect het gevoel dat bij een brede laag van de bevolking leeft. Het heeft veel te maken over wat er na de aanslagen op Zaventem en Maalbeek gebeurde. “Dus zou je denken: nu zullen én De Wever én Di Rupo én Crombez én Michel én Mayeur samen arm in arm lopen: wij zijn allen Belg. Maar wat is er gebeurd? Net het tegenovergestelde: iedereen wees met de vinger naar de andere. Omdat men niet beseft hoe belangrijk ons samenlevingsmodel is,” verwoordde Guilllaume Van der Stighelen het treffend deze week in Humo.

De bevolking verwacht een maatschappijbreed antwoord op de grootste uitdagingen van de tijd en ziet politieke partijen en sociale partners die zich nog dieper dan vroeger in hun ideologische loopgraven terugtrekken en zich nog meer verbeten achter de drie traditionele negentiende-eeuwse breuklijnen verschansen. Katholieken zagen ineens overal de schaduw van de onzichtbare logehand en hardcore vrijzinnigen zetten zich schrap tegen de Tjeven die azen op de ziel van niet-christelijke kinderen. Sommige vakbondsmensen vonden inspiratie bij de Luddieten, in ondernemerskringen hoorde je geluiden uit de Daemstijd. Het communautaire debat positioneerde zich weer in het centrum van de belangstelling, verrassend genoeg als gevolg van syndicale acties die zich perfect lieten lezen als bewijsvoering voor het bestaan van een tweestromenland.

Iedereen smeekt om verbinding. Maar we krijgen oneindige reeksen wij/zij-opdelingen. Iedereen wil leiders die de weg wijzen naar het algemeen belang en we krijgen corporatistisch eigenbelangdenken.  Hoe lang kunnen the powers that be zich zo gedragen vooraleer ze the world that was worden?

Naschrift

Dit is de (lange) longread van de column die op 4 juni 2016 in De Tijd verscheen.

Het weekthema van The Economist deze week is Free Speech. Zoals steeds magnifiek geschreven en breed gedocumenteerd: http://tinyurl.com/jjymg7f

Video Black Rebel Motorcycle Club – Ain’t No Easy Way:  http://tinyurl.com/gogfb3e

Geen muziekles deze week want een beetje aangeslagen (!) door de dood van Mohammed Ali. Alhoewel… http://tinyurl.com/j5d254d

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen