Closing time


Once I built a railroad, I made it run
Made it race against time
Once I built a railroad, now it’s done
Brother, can you spare a dime?

Bing Crosby, Brother, Can You Spare A Dime, single, 1938

Sophie Dutordoir, ceo van de NMBS, zei vorige november in de Kamer en op de VRT dat mobiliteit in België ‘decennialang verwaarloosd is’. ‘Veertig procent van de treinen van de NMBS is meer dan dertig jaar oud. Er rijden te veel verschillende types rond, die allemaal andere noden hebben. ‘Laat ons opnieuw meer investeren in treinen’, zei Dutordoir.
“Als de NMBS vandaag is wat ze is, dan komt dat door de visie die de politiek in België over het bedrijf had”, zei ze nog lief. Want wat ze echt bedoelde was: politici hebben nooit enige visie gehad. Hoe kan je anders verklaren dat er sedert 2008 geen beheersovereenkomst meer is tussen de overheid en de NMBS? Ondanks de rij mobiliteitsministers dat ons land telt, is er geen spoor te bekennen van enige mobiliteitsstrategie. De magere troost voor spoorwerkers en spoorreizigers is dat onze regeerders ook niet geen visie hebben over milieu en klimaat, over pensioen en vergrijzing, over arbeidsmarkt en economische migratie, over werkloosheid en duurzame arbeid.

En over staatsschuld en overheidsinstellingen. In het heetst van de verkiezingsstrijd in 2014 kregen we met de kreet “Show me the money!” de verwachting dat er een regering zou komen die de staatsschuld met branie en visie zou aanpakken. Maar de Zweedse coalitie zette gewoon de traditie verder met kaasschaafbesparingen op en investeringsstop binnen het overheidsapparaat. Overheidsmanagers die op de gevaren van dat non-beleid wezen werden arrogant weggestuurd met de boodschap: meer met minder moet kunnen. Wat topambtenaren al jaren weten, begint nu te dagen bij vakministers: ze kunnen geen kant meer op.

Volgens minister Crevits moet de komende legislatuur absoluut in het kleuter- en basisonderwijs investeren. “Het basisonderwijs krijgt meer dan een miljard minder in vergelijking met het secundair”.

Minister van Justitie Koen Geens weet dan weer dat om het structureel ondergefinancierde gerechtelijke apparaat om te vormen tot een professionele en moderne organisatie, er een investering nodig is van 750 miljoen euro per jaar.
Niet toevallig krijg je dat soort uitspraken te horen aan de vooravond van een onderwijsstaking, op de dag wanneer magistraten hun ongenoegen uiten, of wanneer mensen urenlang vastzitten in luchthavens door acties van luchtverkeersleiders.

Alle partijen hebben in de maanden voor de parlementsverkiezingen massa’s plannen in de aanbieding die stuk voor stuk stevige investeringen vereisen. Misschien kunnen ze daar enkele kiezers mee overtuigen maar overheidsmanagers lachen daar meewarig om. Ze lezen de rapporten van de Nationale Bank en het monitoringscomité en weten dat er enorme besparingen op ons afkomen. Volgens berekeningen van De Tijd moet de regering voor dit jaar nog op zoek naar 7,7 miljard om de begroting in evenwicht te krijgen. Naar alle waarschijnlijkheid is dit een onderschatting. De regering waagt zich, om die reden en net voor de verkiezingen, niet meer aan een begrotingscontrole. Men heeft zelfs geen idee hoe groot het tekort in de sociale zekerheid is. “We varen blind”, zeggen de sociale partners. De federale topambtenaren weten dat het nog geen closing time is voor de investeringsstop.

Op de strategiedag van de federale topambtenaren met als thema “Waar willen we staan in 2024?” was de conclusie: we kunnen veel doen, we willen veel veranderen, maar er moet een einde komen aan de desinvestering. Zelfs Hans D’Hondt, Voorzitter van een FOD (Financiën) met 26.000 ambtenaren die tot voor kort omwille van zijn grootte schaalvoordelen genoeg had om de desinvestering op te vangen zei schertsend dat hij de hort opgaat met zijn rockgroep Closing Time als er weer een investeringstop komt. Misschien kan hij dat beter doen: zelfs als er een regering met branie en visie komt die de investeringsnood inziet zal die geconfronteerd worden met het enorm gat in het budget. En naar Closing Time is er vraag genoeg. Hun benefietconcert voor Kom Op Tegen Kanker in De Werf op 3 mei is bijna uitverkocht.

Naschrift

Deze tekst verscheen als column in De Tijd van 22 maart 2019

Twee keer gebruikte ik de woorden “branie en visie”. Dit is een knipoog naar Veronique Goossens, nu hoofdeconoom bij Belfius, maar recent ook gedebuteerd als columniste in De Morgen. De titel van haar eerste column (op 5 maart gepubliceerd) is “Gevraagd aan huidige generatie politici: branie en visie”.

Bing Crosby’s Brother, Can You Spare A Dime is waarschijnlijk de eerste opname ooit.

Er zijn tientallen versies van de song die stamt uit de Great Depressiontijd. Ook Tom Waits nam een versie op (voor een liefdadig doel).

De versie van Ronnie Lane (Ex-Small Faces) lijkt opgenomen te zijn in 1936 (ondanks de elektische gitaar maar vooral omwille van de klarinettist):

Een zeer merwaardige cover uit het psychedelische 1967 is die van St. Valentines Day Massacre, de groep van Jon Lord na The Artwoods en net voor Deep Purple.

Uit dezelfde tijd en dus met onvermijdelijk hammondorgel : de funky Mel Tormé (die van Comin’ Home, Baby ).

De serieuze B-kant van een grappige teenyboppernummer van Pat Harvey uit 1963.

Alleen voor de liefhebbers: een countryjazzversie van The Village Stompers uit 1965.

George Michael nam de song op voor zijn Songs from the Last Century.

Uit dezelfde goudenstemcategorie: Tom Jones.

Er zijn tientallen jazzversies van “Brother”:

Dave Brubeck

Ike Quebec

Sonny Criss

Abbey Lincoln

Paul Motian met een schitterende Rebecca Martin

Andy Bey

Tony Scott

Jack Walrath

Bill Carrothers met “onze” Nicolas Thys & Dré Pallemaerts

Larry Martin

Ran Blake & Christine Correa

Hans D’Hondt noemde zijn band naar (de titel) van Tom Waits eerste, fenomenale, album. Ik koos die titel (ook) omdat het mijn laatste column is als voorzitter van de FOD Sociale Zekerheid.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Signatuur

Your every wish is my command

All you got to do is wiggle your little hand

I’m your puppet

I’m your puppet, James & Bobby Purify, 1967

‘Ik vind het zeer ontgoochelend wanneer mensen voor wie ik achting heb – intellectuelen, breedkijkende mensen, een aantal journalisten – mensen en ideeën opsplitsen in links en rechts. In mijn beleving geven ze daarmee uiting aan een bijzonder schraal, armtierig, simplistisch wereldbeeld’, zei UGent-rector Rik Van de Walle treffend in de reeks ‘De vragen van Proust’ van De Morgen. Hoe moet je het gedrag van journalisten dan omschrijven die je mordicus bij een politieke partij willen onderbrengen?

In De Standaard van 23 februari was het weer prijs. De krant publiceerde een (des)infografisch overzicht van federale en Vlaamse topambtenaren met telkens een politiek bord voor hun hoofd. FOD Financiënvoorzitter Hans D’Hondt (CD&V-signatuur). FOD Binnenlandse Zakenvoorzitter Isabelle Mazzara (MR). FOD Volksgezondheidvoorzitter Tom Auwers (sp.a). FOD Sociale Zekerheidvoorzitter Frank Van Massenhove (sp.a). Allen waren ooit kabinetschef en dus hebben ze voor eeuwig en een dag de kleur van de minister die ze dienden.

Luie journalistiek, zou je kunnen denken. Want als je even checkt (dubbelchecken gebeurt al lang niet meer) dan schrap je vliegensvlug die signatuur bij Tom Auwers. En schrap je die ook bij mij. Want ik zeg al jaren in interviews en columns dat ik geen partijkaart meer heb en er ook nooit nog één wil. Dat wist de journalist natuurlijk ook, want uit zijn artikel en zijn mails blijkt dat hij mijn columns leest. ‘Voor de rest wens ik u veel succes met uw, overigens goede, column.’ Meer mag ik uit het mailverkeer niet citeren, want de man verbood het. ‘Maar goed, ik geef voor alle zekerheid dus ook niet de toestemming om te citeren uit dit persoonlijke mailverkeer.’ Moed is een zeldzame gave.

Het is dus geen luie, maar tendentieuze journalistiek. Natuurlijk zou de DS-journalist, als hij eerlijk is en de GDPR volgt, (partijloos) achter mijn naam moeten zetten zoals bij FOD Mobiliteitvoorzitter Emmanuelle Vandamme, want nooit op een kabinet gewerkt, maar dat deed hij niet omdat hij een punt wil maken: iedere politieke partij gebruikt zijn kabinetsmensen als pionnen die ze in administraties uitzetten. ‘Vooral in Vlaanderen wist de N-VA de afgelopen jaren in stilte haar greep op de administratie te verstevigen.’

Het moet leuk zijn voor Vlaamse topmanagers Koen Algoed, Peter Cabus en Wim Adriaens, allen van N-VA-signatuur, om te lezen dat ze niet echt omwille van hun talenten gekozen werden maar omdat ze ‘puppets on a strings’ van hun partij zijn. Zeker als ze zien dat een N-VA-kabinetsmedewerker in het artikel poneert, natuurlijk anoniem, moed is een zeldzame gave: ‘Geef ons nog een legislatuur en er zal ook (in de federale overheid, red.) een generatie gepusht worden met meer rechtse gedachten, maar dat gaat niet zo snel.’ De perfecte voorzet voor het journalistieke besluit: ‘de benoemingscarrousel draait ook straks weer op volle toeren’.

Ik ken geen enkele topmanager die het geworden is omdat de partij het vroeg. Ze wilden het gewoon graag doen. En ja, het zijn dikwijls cabinetards. Als cabinetard zie je hoe aantrekkelijk de functie is, niet zozeer wegens de uitstekende vergoeding, maar vooral om de veranderingsopportuniteiten en de mogelijkheid iets op lange termijn op te zetten. Je komt door de selectie omdat je enthousiasme, visie en managementcapaciteiten hebt, niet omdat je je als een partijzeloot presenteert.

Het artikel is niet alleen bij mij slecht gevallen. Al mijn collega’s vonden het zum Kotzen. Sommigen vinden het niet erg met een partij gelinkt te zijn, maar de onderliggende idee dat je daar voor een partij zit, steekt. Zoals Tom Auwers treffend tweette: ‘Politieke signatuur toedichten aan topambtenaren is het concept van civil servant negeren. En de waarheid ook.’ Het kan klef klinken, maar de prioriteit van overheidsmanagers is het algemeen belang dienen en goede managers zijn voor hun mensen.

Overigens zou een federale topambtenaar die het partijbelang laat primeren genadeloos afgemaakt worden door zijn collega’s. Als hij dan nog niet gedecimeerd is door een van de ministers als die ervaart dat zijn topambtenaar hem tegenwerkt omdat hij voor een andere kleur rijdt.

Het beeld dat het DS-artikel schetst, is er een van lang vervlogen dagen toen politici geen rekening moesten houden met objectieve jury’s. Maar het beeld zal blijven hangen zolang politici een hand kunnen hebben in de benoeming van topambtenaren. Tussen twee laureaten zullen ze hun partijgenoot kiezen als die er is. Daarom pleit ik al lang voor de aanstelling van de laureaat die als beste uit het assessment en de jurybeproeving kom

Naschrift

Deze tekst verscheen als column in De Tijd van 9 maart 2019.

Video I’m your puppet: https://www.youtube.com/watch?v=Tyvn3QR7BRk

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Redesi-ha-ha-ha-ign

Everybody want to hear the truth

But yet, everybody wants to tell a lie

Oh everybody wants to go to heaven

But nobody wants to die

Everybody Wants to Go to Heaven, Albert King, Lovejoy, 1971

Bij de ambtenarij kunnen ze niet besparen. Je blijft het horen. Wie dat denkt, raad ik aan eens een vlieg op het behang te spelen bij een vergadering in om het even welke overheidsdienst waar gezocht wordt naar de oplossing van een plots opdoemend probleem. Wanneer het woord ‘redesign’ valt als mogelijke oplossing wordt de hele vergadering in een oogwenk omgetoverd in een lachende, gierende, brullende bende pubers. Eén enkel woord volstaat. De redesign die de regering Michel in 2014 aankondigde – we zullen niet alleen van een logge administratie een slankere, efficiëntere overheid maken die een betere dienstverlening verzekert maar vooral meer doen met minder – is een verhaal geworden waarvan Michael Van Peel een week durende conference kan maken zonder zich te vermoeien: gewoon vertellen wat er gebeurde en de zaal gaat overstag.

Dat de redesign zou mislukken was in de sterren geschreven. Het redesignplan laat zich lezen als een staalkaart van achterhaalde, verkeerde en vooringenomen ideeën die het politiek personeel van ons land eropna houden.

Elke manager met enige ervaring weet dat je ofwel moet innoveren ofwel besparen. Natuurlijk kan innovatie op middellange termijn een besparing opleveren, maar de twee doelstellingen zijn niet te combineren omdat ze een verschillende aanpak vereisen. Als je wilt besparen moet je je mensen kunnen overtuigen van het burning platform. Als je wil innoveren met je ervoor zorgen dat je mensen het project dragen en zelf oplossingen komen aandragen.

In de feiten koos de regering voor een besparing. Want de redesign werd als geslaagd beschouwd als hij het overheidsbeslag met 850 miljoen verlichtte. Dat het ganse ding een luchtkasteel was, gebouwd op een verkeerd geïnterpreteerde studie van een consultancybureau, dat zich op foute gegevens had gebaseerd, bleek al snel.

In 2016 zou 100 miljoen bespaard worden. Eind 2016 moest de regering toegeven dat het maar 25 miljoen was geworden. Maar zelfs van dat luttele bedrag maakte het Rekenhof brandhout. Het stelde vast dat 15 miljoen bespaard was omdat belastingen beter geïnd werden, als gevolg van een veranderingsproject dat al voor de regering-Michel gepland was, en dat in de dotatie aan de Regie Der Gebouwen gewoon 10 miljoen geschrapt werd. Een onderbenuttingsbeslissing dus, zoals er al tientallen geweest zijn de afgelopen 14 jaar. ‘Dit is geen redesignoefening, maar een besparingsoperatie’, was het kille verdict van het Rekenhof. De volgende twee jaar kon het hof deze zin copypasten. In 2018 kon ze er niet meer over schrijven: in de begrotingsopmaak waren alle redesigninkomsten geschrapt.

Met de redesign zou in totaal om en bij de 50 miljoen bespaard zijn. Mocht dit apocrief cijfer kloppen, dan nog zou die 50 miljoen niet volstaan om alle consultancy-opdrachten te betalen die de regering liet opvoeren in het kader van de ganse operatie.

Het redesignproject zorgde niet voor besparingen. Het heeft geld gekost.

Als je een operatie redesign noemt, dan weet je al dat het niet de bedoeling is te innoveren. Aan de basis van elke organisatieverandering ligt een visie en een strategie. Net zoals alle federale regeringen sedert 2003 had de regering-Michel geen begin van visie over de ambtenarij van de 21ste eeuw en dus schreef ze in haar regeerverklaring, net zoals haar voorgangers, dat ze streeft naar een efficiënte overheid. Deze regering wilde een gebouw redesignen zonder te weten wat ze van de mensen in het gebouw verwachtte. Dus deed ze wat politici altijd doen om te laten uitschijnen dat er iets verandert. Ze bedacht fusies, verschoof diensten en verplaatste kredieten. De toon is bekend: minder ambtenaren, minder diensten. 

Alles werd van bovenaf beslist, zonder rekening te houden met bedrijfsculturen, zonder enige kennis van voorgeschiedenis en processen. Ergens in een uithoek van het kabinet van de minister van Begroting is een eenzame medewerker nog altijd op zoek naar de substantiële schaalvoordelen die al die operaties zouden opleveren.

Het redesignfiasco alleen toeschrijven aan voormalig minister van Ambtenarenzaken Steven Vandeput (N-VA) zou onfatsoenlijk zijn. ‘Eén minister van Overheid, die niet alleen bevoegd is voor openbaar ambt maar voor alle aspecten die bepalend zijn voor de efficiëntie van de overheid, lijkt een noodzaak en een opportuniteit. Efficiëntiewinst kan alleen worden geboekt wanneer het overheidsoptreden geïntegreerd wordt aangepakt’, schreven de topambtenaren in 2014 aan de regeringsonderhandelaars. Daar heeft men niet naar geluisterd. Begroting bleef verder zijn geliefde kaasschaafmethode toepassen, van een overkoepelde IT-inovatie is niets terecht gekomen en ex-staatssecretaris Francken weet waarschijnlijk nog altijd niet dat hij ook verantwoordelijk was voor administratieve vereenvoudiging.

Lieve burger, mocht je nu stilaan ontmoedigd geraken, toch dit: er zijn mooie innovaties in de federale overheid gebeurd tijdens de regering-Michel. Maar de waarheid gebiedt te melden dat ze er gekomen zijn ondanks de redesign.

Naschrift

Deze tekst verscheen, weliswaar ingekort, in De Tijd van 23 februari 2019.

Video Everybody Wants to Go to Heaven: https://tinyurl.com/jn95qhc

In de Knack 21 maart 2018 verscheen een bijzonder goed geïnformeerd artikel van

Op 2 maart 2016 had Pieter Blomme, journalist van De Tijd, al door dat de redesign van de federale overheid een mislukking zou worden.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Gesneden

Mijn leven is totaal ontwricht,

ik voel me overboord gegooid

vandaag las ik dit nieuwsbericht:

de bom … valt … nooit.

Herman Van Veen, De Bom Valt Nooit, single, 1984

Christophe Van Landeghem, vader van twee kinderen van 19 en 17, getuigde in ‘Bij Debecker’ op Radio 1 dat, mocht hij toen geweten hebben wat hij nu weet, hij geen kinderen had genomen. Bij ‘Touché’ zei Anuna De Wever op haar onbevangen manier dat ze geen kinderen wilde. Vanwege van de ecologische voetafdruk, maar ook omdat ze op haar vrijheid staat. ‘Als ik op 38 naar IJsland wil gaan wonen, dan wil ik dat kunnen doen zonder te moeten nadenken over kinderen.’

Het zijn bijzonder moedige uitspraken. Hoon zal hun deel zijn. Het vriendelijkste wat Christophe en Anuna te horen zullen krijgen is dat ze dikke egoïsten zijn. Ik kan het weten, I’ve been there. Deze week precies 38 jaar geleden liet ik een vasectomie uitvoeren. Op zijn 26ste werd Christophe vader. Op mijn 26ste werd ik nooit vader.

In 1981 dacht ik zoals Christophe: in deze wereld zet ik geen kind. Christophe had het over een Amerikaanse president die het nucleair wapenverdrag met Rusland opzegde en vroeg zich af wanneer het Westen weer met oorlog geconfronteerd wordt. In 1981 kwam Ronald – ‘Let’s nuke them’ – Reagan aan de macht en het No Future dat de punks in de Londense straten uitkreten, leek werkelijkheid. Dat gevoel was niet beperkt tot het groepje radicale studenten waarvan ik toen deel uitmaakte. Twee jaar later betoogden 400.000 mensen tegen de plaatsing van Amerikaanse en Russische kernraketten in West- en Centraal-Europa.

Het aanvoelen dat ons geen of toch minstens een zeer duistere toekomst wachtte, had ook te maken met de aanhoudende economische crisis die het Westen teisterde en waar vallende, ruziënde en kwakkelende regeringen geen antwoord op leken te vinden. Toen premier Mark Eyskens in 1981 zijn fameuze quote ‘Het is 21 september, de eerste dag van de herfst, het vallen van de bladeren, de regering is ook gevallen’, de wereld instuurde, vond ik dat niet grappig. Het toonde aan hoe onbekommerd politici in hun ivoren toren met ons lot omgingen.

We kregen les van Etienne Vermeersch, die ons wees op de rampzalige evolutie van de wereldbevolking, en van Jaap Kruithof en Rudolf Boehm, die ons confronteerden met de bevrijdende, speelse mens maar ook met het evolutionaire wezen dat zijn planeet vernietigde.

Sommigen onder ons hadden zich ingezet voor het eerste vluchthuis. We hadden niet alleen geslagen vrouwen gezien, maar ook hun kinderen. Daar waren we niet goed van. Waarom eigen kinderen als we konden zorgen voor kinderen die enorme nood hadden aan hechting, warmte en rust?

Met meer dan twintig waren we, mannen en vrouwen die in de periode 1980-1983 voor vasectomie of sterilisatie kozen. Het was zeker geen sekteachtige reactie op de postmoderne tijden. We waren niet eens een hechte groep. Iedereen had zijn eigen redenen om kinderloos te blijven. Er waren mensen die dol waren op kinderen. Er waren mensen die geen kinderwens hadden.

Wat zouden de meesten nu denken, als ze dezelfde oefening maken als Christophe, maar dan in spiegelbeeld? De helft zou het niet meer doen. Velen van hen hebben nog op tijd de ingreep ongedaan gemaakt en kregen toch kinderen. Sommigen van hen zijn al grootouder.

Niet dat ik er spijt van heb, maar mijn vasectomie is het domste wat ik ooit heb gedaan. In dezelfde uitzending van ‘Bij Debecker’ veegde professor Patrick Deboosere (VUB) redenen als de bevolkingsevolutie (in de jaren 70 was het wereldgeboortecijfer 4 kinderen per vrouw, nu nog 2,4) en crisissen (die zijn van alle tijden) van tafel. Ik geef hem volkomen gelijk.

Maar dat houdt niet in dat we mensen die geen kinderen willen met de vinger mogen wijzen. En het impliceert zeker niet dat kinderen krijgen een vanzelfsprekendheid is. Je moet er goed over nadenken. Maar aan alle jonge mensen, vooral aan zij die er zeker van zijn dat ze nooit kinderen willen, toch deze raad: stel vasectomie en sterilisatie uit tot de leeftijd waarop je beter geen kinderen meer krijgt. Alleen idioten veranderen nooit van mening.

Naschrift

Deze tekst verscheen als column in De Tijd van 9 fevbruari 2019.

Video Herman Van Veen’s De Bom Valt Nooit: https://www.youtube.com/watch?v=CTClBuPesxo

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

De Wever Wint

Que sera, sera

Whatever will be, will be

Que sera, sera, Sly & The Family Stone, Fresh, 1973

Op de stilaan onmisbare VRT NWS-site voorspelde politiek journalist Ivan De Vadder op 17 januari: ‘Ik vrees dat dit aan Theo Francken blijft kleven.’ Die analyse maakten ook de kranten. Meer zelfs, de ‘ik vrees’ werd vervangen door de aan zekerheid grenzende overtuiging dat de kiezer dit niet zal laten passeren. En het beleefde ‘kleven’ werd vervangen door het vieze ‘plakken’. Volgens De Vadder leefde de plakvrees ook bij Franckens partij. ‘Je hoort ook bij de N-VA in de wandelgangen van het parlement: ‘Laten we hopen dat het gerecht snel zijn werk doet, anders blijft dit kleven en is dat heel vervelend’.’

De dagen daarna moest je weinig verbeeldingskracht hebben om een grote gelijkenis te zien tussen de weinige N-VA’ers die zich voor camera’s of achter microfoons waagden en de klagerige stripfiguur met de reusachtige eierschaal.

Dus moest Bart De Wever worden opgevoerd. Die ontkende: ‘Wij zijn geen Calimero.’ En hij vervolgde: ‘Het is het uitdrukkelijke doel van andere partijen om ons uit evenwicht te brengen, om Theo Francken electoraal een kopje kleiner te maken. De wellust druipt er gewoon af. Sinds Marrakech is het duidelijk: de N-VA moet eraan.’ Lovenswaardig, maar niet geloofwaardig, vooral omdat zijn stemgeluid verdacht veel leek op dat van Corry van der Linden, de legendarische stem achter Calimero.

Dat de aanval van de gewezen regeringsgenoten op Franckens visapolitiek nog virulenter was dan die van de (oude) oppositie, was treffend. Maar anders dan wat De Wever insinueerde, is dat niet zozeer ingegeven door strategie, maar door woede. Vier jaar lang de arrogantie, neerbuigendheid en vernedering van de staatssecretaris, die zich verzekerd wist van de onvoorwaardelijke steun van zijn partijvoorzitter, moeten verduren kruipt niet in je koude kleren.

Mocht de N-VA nog in de regering zitten, dan zou Francken ontslag hebben moeten nemen, lees je overal. O ja, toen hij, in de Soedanaffaire, overduidelijk gelogen had in het parlement en tegen zijn premier, had hij ook moeten opstappen. Maar De Wever ging pal achter zijn copain staan en dreigde met de val van de regering waarop de voor de alweer vernederde premier, de kokhalzende Alexander De Croo en de misprijzende Wouter Beke prompt inbonden. Wie zegt dat De Wever die scène niet zou hebben herhaald?

Het moet sneu zijn voor de meesterstrateeg De Wever, die iedereen op het verkeerde been had gezet door zijn abdicatie van de Antwerpse burgemeesterssjerp, om zijn verkiezingsscenario zo snel doorkruist te zien door de onvoorziene visacrisis, een in Antwerpen niet onbekend begrip nochtans.

De Wevers totale miskenning van de 76.702 Antwerpenaren die hem hun naamstem gaven en Franckens visacrisis komen de N-VA electoraal duur te staan. Dat is de algemene teneur. Ik durf dat zwaar te betwijfelen.

De professoren Michael Barber en Jeremy Pope vroegen zich af of de Trump-supporters hem steunen om zijn ideologie of omdat hij Trump is. Ze deden een experiment met 1.300 Republikeinen, die ze in drie groepen opdeelden. Twee groepen moesten zich uitspreken over suggesties van ‘linkse’ beslissingen, zoals ‘wat als we het minimumloon met 10 procent verhogen?’. Aan de ene groep werd gezegd dat Trump er voorstander van was, aan de andere niet. De derde groep moest zich uitspreken over zogezegde beslissingen van Trump, maar over conservatieve onderwerpen. Het experiment leerde dat er 15 procent meer kans was dat Republikeinen Trump zouden steunen voor linkse beslissingen. De conclusie van de proffen: de gemiddelde Republikein zal Trump niet afvallen, wat hij ook doet.

Zij die nu al denken in te zetten op verlies voor de grootste partij van Vlaanderen, zijn verwittigd: het gaat over leiders, niet over wat ze doen of zeggen. De Wever zal winnen in mei, daar ben ik zeker van. Maar welke De Wever? Bart of Anuna?

Naschrift

Video Sly Stone://www.youtube.com/watch?v=_Son_p6sPeI

Wat een fantastische zangeres is onze Selah Sue: https://www.youtube.com/watch?v=Dmw8hzcspWQ

Daar moest je Marcus Miller, die nog in dienst was bij Miles Davis en dus niet de eerste de beste, blijkbaar niet van overtuigen. Hij vroeg haar om het beroemde Doris Daynummer met hem op te nemen. Maar als je goed luistert naar de versie van Sly Stone uit 1973, dan is het wel duidelijk dat Marcus en Selah hun inpiratie niet bij Doris Day maar bij die oerfunker haalden.  Selahs frasering schuift lepeltjesgewijs tegen die van Sly aan en Marcus slaat zijn bas zoals hij het geleerd heeft van Larry Graham, de uitvinder van de slapping-techniek én bassist bij Sly Stone. Ontroerend mooie video, trouwens. https://www.youtube.com/watch?v=KVMuparhtks

Nog niet genoeg van slappen? Marcus prachtige eulogie aan Bob Bobbitt die de door Norman Whitfield bedachte basslijn wél kon spelen (de legendarische  James Jamerson kreeg hem niet onder de knie!): https://www.youtube.com/watch?v=-Ab4IQwLMTQ en hier bij Miles Davis:  https://www.youtube.com/watch?v=Onj1_BgQzI8 Hier is Marcus de bas aan het slappen en Miles zijn ex Betty Davis, waar onlangs een intrigerende documentaire mee/over werd gemaakt. Haar ode aan alle funkhelden van de sixties: https://www.youtube.com/watch?v=mQILEYw66Rg

Politiek journalist Ivan De Vadder: https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2019/01/17/herbekijk-ivan-de-vadder-over-de-humanitaire-visa-affaire-en-de/

Onderzoek Michael Barber en Jeremy Pope: https://www.dropbox.com/s/ofh5bzwnt4ixwdj/Does_Party_Trump_Ideology%3F%20Non-Anonnomyzed.pdf?dl=0

Ik vond de verwijzing naar de studie in dit zeer aan te bevelen Vox-artikel: https://www.vox.com/science-and-health/2017/10/11/16288690/trump-political-science-psychology-follow-the-leader

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Broedermoord,

Cain slew Abel, Seth knew not why

For if the children of Israel were to multiply

Why must any of the children die?

God’s Song (That’s Why I Love Mankind), Randy Newman, Sail Away, 1972

Nu mijn mandaat als FOD-voorzitter naar het einde neigt, krijg ik nog meer dan vroeger de vraag of ik in de politiek ga. Mijn antwoord is al 35 jaar hetzelfde: geen sprake van. De reden daarvoor is met de jaren sterk veranderd. Maar nog steeds is het begin van mijn antwoord steeds een ode aan zij die zich willen inzetten voor de publieke zaak door zich verkiesbaar te stellen. Dat ik die stap nooit zelf zal zetten, heeft te maken met wat er gebeurt met mensen die dat wel doen. Tenzij je zoon of dochter van een toppoliticus bent, word je door een partij gevraagd omdat je persoonlijkheid hebt en interessante inzichten tentoonspreidt. Daarna moet je die de rest van je politieke leven inruilen voor de standpunten van je partij.

Hoe schrijnend dat kan zijn, zagen we de afgelopen week in Antwerpen. De drie SP.a-gekozenen in de gemeenteraad stemden weliswaar tegen het bestuursakkoord, maar legden zich daarna neer bij de partijmeerderheid. De volgende zes jaar zullen ze dus met een stralende glimlach alle beslissingen van het college verdedigen, terwijl hun lichaam en geest zich compleet verzetten tegen een akkoord met mensen die hen gedurende jaren de schuld gaven van alles wat misging met de stad en de wereld. De drie weten dat het beleid in de stad niet zal veranderen omdat voor ieder zelfstandig naamwoord in het bestuursakkoord “verbindend” is ingetikt.

Misschien herinneren ze zich nog de wanhoop van Agalev bij de desastreuse verkiezingen in 2003 nadat ze in 1999 met grote overgave in een regering waren gestapt, waarin iedere zelfstandig naamwoord in de regeringsverklaring werd voorafgegaan door het woord “duurzaam”.

Hoe schrijnend ook moet het zijn voor mensen die in de Antwerpse NVA zijn gestapt omdat ze echt geloofden dat alle malheur in de sinjorenstad door de socialisten is veroorzaakt? Ook zij hebben zich, en dan nog zonder misbaar, voor de nieuwe coalitie uitgesproken. Enig verzet, zij het beperkt in tijd en impact, wordt enkel getolereerd in een gewezen machtspartij.

Voor geen (partij-)geld ter wereld wil ik ooit in Terzake gaan uitleggen dat iets waar iedere vezel in mijn lichaam zich tegen verzet, een goede zaak is omdat mijn partij dat vindt.

Maar dat dit soort ervaringen kinderspel is, vergeleken met wat je overkomt in de slangenkuil van je eigen partij, mocht blijken uit wat Christophe Peeters in Gent moest ondergaan. Samen met Tom Balthazar was Peeters, daar zijn vriend en vijand het over eens, de beste schepenen van het voorbije stadsbestuur. Maar nu wordt hij aan de kant geschoven na een naargeestig manoeuvre, waarin alleen de naaste bondgenoten van Matthias De Clercq en zijn partijvoorzitter, niet de hand van de nieuwe burgemeester vermoeden.

Nu jong-VLD maar vooral alle liberale oud-schepenen hem afschilderen als broedermoordenaar in bewoordingen die Theo Francken niet eens zou durven tweeten, dreigt zijn entree als eerste liberale burgemeester in zestig jaar niet het triomfantelijk spektakelstuk te zullen worden die hij voor ogen had maar eerder een remake van het Hollywoodspektakel “What if You Threw a Party and Nobody Came?”.

Sedert de verkiezingen deed hij bijna alles verkeerd wat je verkeerd kan doen. De man die het verraad van 1976, toen bompa Willy ondanks zijn monsterscore naar de oppositie werd verwezen door de tjeven, eens ging rechtzetten, stichtte een postelectoraal kartel met de… CD&V. Dat was knarsetanden voor de van oudsher sterk humanistische Gentse liberalen, die daarna echt gingen balen wanneer bleek dat ze daar ook nog eens met een schepenzetel voor moesten betalen.

De man die uitschreeuwde dat zijn karrevracht voorkeurstemmen hem alle recht op de burgemeesterssjerp verschafte, vond het concept voorkeurstemmen ineens onbelangrijk voor een schepenmandaat. De man die zal zorgen voor een verbindend Gent is begonnen met de versplintering van zijn eigen partij. De man die van Gent een positief verhaal zal maken kan zelfs bij zijn grootste politieke zege de grootmoedigheid niet opbrengen om aan zijn vroegere rivaal voor de titel Eerste Liberaal Van Gent, een bijrol te geven in wat zijn grootste theaterstuk moet worden.

Het is niet alleen klein. Het is ook dom. De Clercq zal met zijn zelfgekozen mini-fractie in het college alles uit de kast moeten halen om de voorspelling van Siegfried Bracke (“Ofwel krijgt Gent een blauwe burgemeester met een zeer groen programma, ofwel komt er een groene burgemeester met een gematigd programma”) niet te laten uitkomen. Dan kan je beter zuinig zijn op sterk personeel. Als je echt een burgemeester wil zijn voor alle Gentenaars, dan stel je toch de sterkste spelers op?

“Dit is een onaanvaardbare strategische blunder die niets met politiek te maken heeft, maar alles met eigenbelang”. Wat Erwin Devriendt, oud-OCMW-voorzitter in Gent, zegde is wat vele Gentenaars denken.

De Clercq wil de zaak nu oplossen door voor Peeters een plek in een van onze parlementen te bepleiten. Blijkbaar heeft hij niet door dat een passieve rol voor de doener Peeters insult after injury is en dat dit bij de modale Gentenaar zal overkomen als wegpromoveren.

Als De Clercq dit soort fouten blijft maken, wacht ook hem een gewisse broedermoord. En neen, ze zullen niet zijn ruiten inslaan of zijn benen breken, zoals ontslagnemend Gents Open VLD-voorzitter Mick Daman smalend meende te moeten opmerken in De Ochtend, als antwoord op de zin ‘Indien hij dat niet inziet, wordt hem dat inzicht bijgebracht’ uit de brief van de Gentse oud-schepenen en OCMW-voorzitters aan voorzitter Gwendolyn Rutten. Politici gaan subtieler te werk. De dolk zie je niet aankomen. Vraagt het maar aan Christophe Peeters.

Of ik ooit politicus word? Wie wil er nu werken in een slangenkuil?

Naschrift

Deze tekst verscheen als column, zij het in verkorte vorm, in De Tijd van 29 december 2018.

Video God’s Song (That’s Why I Love Mankind): https://www.youtube.com/watch?v=C0TvfqmWf4M

 

 

Geplaatst in Geen categorie | 2 reacties

Visegrádcoalitie

There’s been some hard feelings here
About some words that were said
Paul Simon,
‘One Man’s Ceiling Is Another Man’s Floor’, 1973

Federale overheidsdiensten zijn rare beestjes. Raar in de zin van zeldzaam. Vind maar eens plaatsen waar evenveel Nederlandstaligen als Franstaligen samenwerken, waar Vlamingen, Walen en Brusselaars elkaar dagelijks ontmoeten en waar taken voor het hele land worden uitgevoerd. We trouwen niet meer met elkaar, we bellen elkaar nagenoeg niet meer heeft Proximus al vastgesteld en we weten niet meer wie popheld, topauteur of sportjournalist is aan de andere kant van de taalgrens. Dat de gemeenteraadsverkiezingen in Antwerpen door iedereen op de werkvloer van onze federale overheidsdienst duchtig werden besproken, zal u niet verwonderen. Maar misschien wel dat door Nederlandstaligen én Franstaligen met evenveel belangstelling werd uitgekeken naar de coalities in Gent, Oostende, Charleroi en Liège. Liège inderdaad, want in een federale overheidsdienst spreekt ieder zijn eigen taal/chacun parle sa langue.

Mocht Charles Michel zich zo nu en dan eens vertoond hebben op federale administraties, dan had hij gewis geweten wie Frank Deboosere was.

Federale ambtenaren, en bij uitstek de beleidsvoorbereiders,  zitten op een berg informatie. Ze hebben contacten met alle mogelijke positiebepalende mensen in de Europese Commissie en de Oeso, in studiediensten van partijen en sociale partners en in alle kabinetten die ons land rijk is.

Daarom zijn federale overheidsdiensten ook raar in de zin van anders. Tot mijn grote verbazing heb ik vastgesteld dat het inzicht in waar we politiek in ons land naartoe gaan veel groter is bij de federale ambtenaren dan bij de regionale ambtenaren, privéwerknemers of Wetstraatjournalisten. Op woensdag 31 oktober liep ik door ons vergadereiland en hoorde ik een Nederlandstalige zeggen dat Oostenrijk zich uit het VN-migratiepact had teruggetrokken. ‘Oh la la,’ repliceerde een Franstalige stem, ‘dat zal niet zonder gevolgen voor ons land blijven. De N-VA heeft te veel stemmen aan het Vlaams Belang verloren bij de (gemeenteraads)verkiezingen. Ik zie hen hier ook problemen over maken.’

Enkele weken later, toen de spanningen in onze regering een feit waren, kreeg ik van enkele ambtenaren het voorstel om een noodplan uit te werken voor het geval de regering vroegtijdig zou vallen. Lopende zaken zou de overgang van onze dienst Zelfstandigen naar de Sociale Zekerheid Zelfstandige Ondernemers en de verlenging van de contracten bij onze geteisterde Dienst Tegemoetkomingen aan Mensen met een Beperking in gevaar kunnen brengen.

Nu al wordt bij ons druk becommentarieerd wat de toekomst brengt. Dat ons land politiek tot stilstand komt en 2019 (weer) een jaar van (s)lopende zaken wordt, daar is iedereen het over eens. Hoe lang de regeringsonderhandelingen zullen duren, daar durft men zich niet over uitspreken, maar men is er wel van overtuigd dat de duur ervan zal afhangen van de verkiezingsuitslag van de N-VA. Als ze federaal incontournable worden, dan komt het vorige record regeringsvormen in gevaar. Maar als men zonder hen kan, zal het zonder hen zijn want bij de MR is de ervaring van de onbetrouwbare Vlaams-nationalistische partij te wrang, is de meest gehoorde stelling.

In de week voor het Marrakeshevent was iedereen bij ons ervan overtuigd dat de N-VA de regering zou verlaten, dat Michel met een minderheidsregering zou verdergaan, maar ook dat die een zeer kort leven zou zijn beschoren en we dus naar vervroegde verkiezingen gaan. De linkse oppositie zou, een halfjaar voor verkiezingen, wel gek moeten zijn om een centrumrechtse regering te depanneren, luidde het, en de N-VA zal vanuit de politiek comfortabele oppositiezetels alleen willen steunen wat hen honderd procent zint. “Als de premier dan niet snel de handdoek gooit, zal hij zo hard naar de pijpen van zijn gewezen regeringspartner moeten dansen dat hij een gevaarlijke concurrent dreigt te worden voor zijn Engelse confrater in de eindejaarslijstjes “krampachtig dansen”, lachtte onze meest ironische medewerker.

Onderliggend bij deze gesprekken is de al jaren durende discussie over de ware aard van het beestje dat N-VA heet. Toen de Zweedse coalitie tot stand kwam, was er veel consternatie. Vooral bij Franstaligen – maar niet alleen bij hen – heerste een ‘de extreemrechtse Vandalen staan voor de stadsmuren’-gevoel. Het moet een erg moeilijke tijd geweest zijn voor ambtenaren met een N-VA-affiniteit. Een medewerker die voor zijn N-VA-lidmaatschap uitkwam, werd gepest. Ik kon ingrijpen nadat zijn collega’s me op de hoogte hadden gebracht, waarvoor hulde. In de wintermaanden van 2014 liet ik aan iedereen blijken, in woord en daad, dat de N-VA voor mij een democratische en een nietracistische partij was. Niet iedereen heeft me dat in dank afgenomen. Er werd met angst in het hart afgewacht hoe de samenwerking met een N-VA-staatssecretaris voor Mensen met een Beperking zou verlopen. Maar Elke Sleurs behandelde ons correct, was de eerste ervaring. En toen haar opvolgster Zuhal Demir blijk gaf van grote interesse en inzet voor de dienst, kwam er zelfs waardering.

De recente gebeurtenissen hebben het beeld van de N-VA geen goed gedaan in de federale overheidsdiensten. Veel van het traag opgebouwde vertrouwen ging met de weliswaar snel geaborteerde maar evengoed beangstigende anti-Marrakeshcommunicatiecampagne teloor. ‘Ik begon te geloven dat de partij niet extreemrechts is. Maar hoe noem je een partij die over migratie hetzelfde denkt als de Visegrádcoalitie van Jarosław Kaczynski, Viktor Orban, Marine Le Pen of Filip Dewinter?’, kreeg ik deze week te horen van een (Vlaamse) medewerker.

Naschrift

Deze tekst verscheen als (sterk verkorte) column in De Tijd van 15 december 2018.

Video One Man’s Ceiling Is Another Man’s Floor: https://www.youtube.com/watch?v=2GdegC2p8ek

Paul Simon nam dit nummer dit jaar opnieuw op voor In The Blue Light, een album waarop hij nummers die hij zelf zeer geslaagd vindt maar weinig bekend zijn, opnieuw onder handen nam.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen