Tongetjes

Now I don’t hardly know her
But I think I could love her
Crimson and clover

Crimson Crimson And Clover, Tommy James & the Shondells, 1968

Op Pinkstermaandag gaat bij ons de Maaltijd der Vurige Tongen door. Het al jaren vaste menu:

~~~~ Amuse-gueules – koude lamstongetjes in zurige saus ~~~~

Bubbels. “Da’s lang geleden”. Facebookgesprekken. “Frank, hoe is het met de vakbond?”

~~~~ Voorgerecht – tongreepjes op babyspinazie ~~~~

Dat Isabelle, van de traiteurzaak met die naam, die al in het eerste jaar rechten een bedrijfje “Isabelle Kookt Bij Jou” opstartte, een ondernemende dochter zou hebben stond in de sterren geschreven maar dat het talent zo snel zou bovendrijven? “Eergisteren werd ze acht en tijdens het verjaardagsfeestje – ja, ze kent al het belang van timing – kwam ze met een ideetje dat ze samen met haar vriendinnetjes had uitgewerkt. Ze wilden een game dat een beetje duur was. Papa konden ze wel verleiden, maar mama zou niet snel te vermurwen zijn wisten ze uit prille ervaring. Dus stelden ze hun mama’s voor dat ze twee maanden lang niet op school zouden eten. “Dan kunnen we met het uitgespaarde geld het gewenste game kopen. En ’s morgens smeren we ons boterhammen zelf, hoor, mama!” was het killer eindzinnetje. Aan onze tafel gingen de smakgeluidjes geleidelijk over in instemmend gegrinnik. Natuurlijk kon Isabelle geen weerstand bieden aan zoveel ondernemend talent en gewiekstheid. Net zoals alle andere mama’s, trouwens. Op één na. Annie moest vanaf dan ’s morgens haar meeneemboterhammen smeren maar het geld bleef wel in mama’s portemonnee. “Meen je dat nu?” Gilles, leraar moraal en van nature al snel verontwaardigd. Maar nu wordt hij snel en intens bijgevallen door het ganse gezelschap. De gramschap over zoveel pedagogische idiotie kan enkel gedempt worden met het

~~~~ Hoofdgerecht – Rundstong in Madeira-saus ~~~~

Julien, financieel directeur, vindt Annies moeder ook economisch stupide. “Het idee! Dat kind kom nooit meer met een voorstel. En ultiem zal het de moeder meer kosten, vanzelf. Bedrijven die zich zo gedragen worden geheid door de vrije markt uitgeranzjeerd”. Deze keer voegt hij er niet “in tegenstelling tot de overheid” aan toe. Je moet weten, lieve lezer dat de naam van onze Pinkstermaaltijd oorspronkelijk niets met de gerechten te maken had maar met de legendarische discussies tussen Julien “My Middle Name Is Lean State” en Natasja “Keynes Is The Way”, budgetverantwoordelijke bij een Groot Ministerie. Natasja gaat raar genoeg niet in de tegenaanval. Teergeliefde kijkt me veelbetekenend aan. Vanmorgen had ze me er al attent op gemaakt hoe goed die twee het de laatste tijd met elkaar konden vinden. “Door de lineaire besparingen kunnen we onvoldoende controles doen”, begint Natasja met de haar typerende bedachtzaamheid, nog uitvergroot door een rustige kauwoefening. Stilte aan de tafel, subtiel handgebaar en dan : “We vinden een kleinere server, we stoppen onze niet-gevoelige zaken in de cloud en we sparen 680.000 euro uit om onze controles te doen. Iedereen beretrots. We hadden het weer gedaan: geen extra-budget gevraagd en toch efficiënt blijven werken. Deze week hadden we begrotingscontrole. En die 680.000 euro wordt ons gewoon afgepakt”.

“Dus jullie begrotingsmensen zijn even kortzichtig als Annies moeder?” Nuchtere Isabelle. En hoofdschuddend: ‘Even stom als de Europa met de Grieken, dus”. Tot eenieders verbazing knikt Julien rustig met de tafelgenoten mee.

~~~~ Nagerecht – Chocoladetongetjestaart uit Antwerpen ~~~~

Gecensureerd: Obama luistert mee.

P.S.: Eergisteren kregen we de uitnodiging voor het samenwoonfeestje van Julien en Natasja. Teergeliefde is onfeilbaar in die dingen.

Deze tekst verscheen als column in De Tijd op 15 juni 2013.

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Kruimelkrijger

wall
Hello,
Is there anybody in there?
Just nod if you can hear me
Is there anyone home?

Comfortably Numb, Pink Floyd, The Wall, 1979

Op zaterdag- en zondagochtend legt Miranda, die door haar onbedaarlijke levenslust zorgt voor de helft van de opbrengst van bakkerij Jacquet, twee chocoladecroissants opzij voor schrijver dezes. En onverminderd een half uur later speelt zich ten onzer huize een ritueel af waarbij Teergeliefde me glimlachend haar bordje met de laatste kruimels toeschuift. Voor mijn kruimelkrijger, zegt ze dan ondeugend. Maar verleden week keek Teergeliefde me wat zorgelijk aan. “Gaat er iets niet?”, vroeg ze zacht waarop ik veel te snel Nee-eh-de, met de geforceerde optimistische tweeklank die er een volmondig “Ja!” van maakt. Natuurlijk had het niets met haar te maken. Maar met euh, laat ons haar Sofie noemen. Pas tweeëndertig, maar met een maturiteit waar een gemiddelde man veertig jaar en twee midlifecrisissen voor nodig heeft en met een track record om van te duizelen. Haar baas, directeur studiedienst, was vol lof over haar. Het omgekeerde, hm, niet echt. Schoorvoetend, want loyaliteit is geen komma in haar handboek, ontglipte haar tijdens een koffiepauze dat het wel een beetje schortte aan coaching en vorming bij hen. En te veel goede ideeën hebben, had ze gemerkt, is niet écht goed voor je toekomstperspectieven. De baas wilde nog altijd een ietsepietsie te veel de slimste zijn en vooral blijven.

Een overheidsdienst met als hoofdopdracht beleidsvoorbereiding weet altijd raad met groot talent. Ja, Sofie was geïnteresseerd. Zo heftig geïnteresseerd zelfs dat ik onmiddellijk de domper moet bovenhalen. “We moeten wel via een officiële selectie.” Als je mannen vraagt of ze geïnteresseerd zijn in een job, krijg je als reactie maar al te vaak een slecht vermomde versie van “ik dacht dat je het me nooit zou vragen”. Bij vrouwen is het te dikwijls: “Denk je echt dat ik dat kan?”. Zo niet bij Sofie. De ogen bleven stralen. Ook met haar zelfzekerheid was er niets mis. En dat het geen zelfoverschatting was bleek uit het juryrapport van het immer performante Selor. Kop en schouder boven de rest. Inhoudelijk briljant, natuurlijke teamspeelster, wil excelleren en is maatschappelijk bewogen. Sofie was in de wolken. Natuurlijk had ze nog een opzeggingstermijn uit te doen.
Twee dagen nadat ze haar ontslag indiende, beslist de federale regering dat er lineair bespaard wordt in de personeelskredieten. Voor onze FOD komt het neer op een meedogenloze wervingsstop. Natuurlijk kon Sofie haar ontslag intrekken maar terug naar haar bijna ex-baas, wist ze, stond garant voor “Verlies alle hoop, wie hier terugkeert”. We vroegen The Federal Powers That Be of er een oplossing kon gevonden worden. Neen dus. De regels kunnen niet vermenselijkt worden want de begrotingsdoelstelling is heilig. “Maar we halen de doelstelling, want iemand gaat onverwacht weg”. Neen is het diplomatische antwoord. Comfortabel ongevoelig. Op 1 juni wordt Sofie werkloos. De topambtenaar leest de groeiende wanhoop in de ogen van die schitterende jonge vrouw, die zich traag en methodisch verpletterd ziet door mechanistische molochs en vervelt tot tandeloze kruimelkrijger.

Einde verhaal.

Dacht ik. Christophe, slimme adviseur bij onze minister vindt een elegant nevenpad. Voorgelegd aan de inspecteur van financiën. Mja, zegt hij, maar ook: ok. Twee mensen met een hart verslaan de molochs. Welkom, Sofie.

Deze tekst verscheen als column in De Tijd op 2 juni 2013.

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Peppee

madeleine
Smile though your heart is aching
Smile even though it’s breaking.
When there are clouds in the sky
You’ll get by.
If you smile through your fear and sorrow
Smile and maybe tomorrow
You’ll see the sun come shining through for you
Light up your face with gladness
Hide every trace of sadness.
Although a tear may be ever so near
That’s the time you must keep on trying
Smile, what’s the use of crying.
You’ll find that life is still worthwhile
If you just smile.
.

Smile, Madeleine Peyroux, Half The Perfect-World, 2006
Smile, Nat King Cole, Ballads Of The Day, 1958
Smile, Sonny Criss, Portrait Of Sonny Criss, 1967
Smile, Charito, Affair To Remember, 2012
Smile, McCoy Tyner, Prelude And Sonata, 1994
Smile, Marilyn Scott, Nightcap, 2004
Smile, Melissa Stylianou, Silent Movie, 2012
Smile, Sun Ra, Nuclear War, 1982
Smile, Jacky Terrasson, Smile, 2002
Smile, Ulf Wakenius, Tokyo Blue, 2003
Smile, Jessica Pilnäs, Norma Deloris Egstrom – A Tribute To Peggy Lee, 2012
Smile, Tony Bennett & Barbra Streisand, Duets – An American Classic, 2006
Smile, Biréli Lagrène, Standards, 1992
Smile, Dexter Gordon, Dexter Calling, 1961
Smile, Enrico Rava, On The Dance Floor, 2012
Smile, Arturo Sandoval, A Time For Love, 2010
Smile, Monty Alexander, Live At Maybeck Recital Hall – Volume 40, 1995
Smile, Brad Mehldau, Anything Goes, 2004
Smile, Chick Corea, Expressions, 1993

En vooral van de auteur:
Smile, Charlie Chaplin, Modern Times, 1936

peppee & franky 001

Kijk eens hoe trots Frankietje was met zijn nieuwe schoentjes, gemaakt door de man naast hem, Jules Van Massenhove, mijn Peppee en schoenmaker te Zerkegem. En schoenmaker mag je letterlijk nemen. Van nagenoeg iedere Zerkegemnaar stonden op metershoge rekken honderden handgemaakte houten mals. Úren heb ik daarmee gespeeld, zittend tussen de enorme benen van mijn Peppee, die hoog boven mij weer een perfect zittende schoen van zijn leest haalde. Soms neuriede ik mee met hem want hij zong de ganse dag door, zo hard dat ze het aan de overkant van de straat konden horen. Dat wist ik zeker want daar woonde mijn Peetje, de beenhouwer van Zerkegem. Mijn papa is het niet ver gaan zoeken.
Maar als mijn Peppee niet zong, dan vertelde hij me van alles, maar vooral over De Grote Oorlog. Omdat mijn papa me had gezegd dat Peppee in WOI gevochten had, vroeg ik er hem naar. Het werd een dagelijks ritueel. Als 16-jarige in 1914 vrijwillig aangemeld om zijn vaderland te verdedigen. Het werd vier jaar loopgraaf, in het slijk, tussen de ratten. Een week had een dode kameraad naast hem gelegen. De loopgraaf was onbereikbaar voor de medische post. Dagenlang was er geen schot gevallen en Kamiel had gelachen: “Ik denk dat ze weg zijn”. Hij sloeg het kijkgat open en kreeg een kogel tussen de ogen. Met Kamiel was Peppee de enige overlevende van het bataljon dat in één van de vele totaal krankzinnige offensieven gejaagd werd om drie meter in te nemen op de vijand. Diarree was hun redding geweest. Peppee en zijn maat waren zo verzwakt dat ze zelfs niet recht kwamen. Peppee zijn darmen waren al nooit goed geweest. Peppee’s makkers werden onmiddellijk geveld door het nieuwe wapen van den Duits, een mitrailleur. Sommigen vielen ruggelings terug in de loopgraaf.

Psychologische opvang was er natuurlijk niet. Nadat Kamiel eindelijk was weggehaald, kreeg Peppee een dubbele portie jenever. Dat maakte hem alleen maar banger want je kreeg altijd een dubbele portie vlak vóór het bevel tot aanval. Nog geen week later viel er een mosterdgasbom in de loopgraaf. Peppee was niet dood maar wel blind. Maandenlang dacht Peppee dat hij nooit meer zou zien. Niemand in het Noord-Franse noodziekenhuis vertelde hem iets. Ook Marie niet, de enige verpleegster die Vlaams sprak, maar ze gaf hem wel iedere avond een zoen. Op het voorhoofd, weliswaar. Marie was beeldschoon kon Peppee zes maanden later vaststellen, toen zijn zicht terugkwam. De dag dat hij terug naar de loopgraven moest viel een verkeerd afgeschoten “niet-vijandige bom” op een door de velden fietsende Marie. Toen een paar maanden later de oorlog voorbij was, voelde Peppee geen spatje vreugde. Hij tramde naar Aartrijke waar zijn ouders hem niet meer herkenden, het jongetjes was een beer van een vent geworden. Ze dachten dat hij een bedrieger was – het bataljon was helemaal uitgemoord, hadden ze gehoord – en hij moest een week in schuren bij de boeren slapen. Nog altijd weet ik niet hoe het goed kwam.

“Ga nooit naar het leger.”, fluisterde Peppee me toe. Door hem werd ik later gewetenbezwaarde (voor de jongeren: een periode van verlengde minderjarigheid in een progressief jongemannenleven tussen 1969 en 1993). Peppee stierf toen ik 12 was, darmkanker. Maar er zit veel Peppee in mij. Daarom geef ik gul voor Syrië, voor die duizenden 16-jarige oorlogsvrijwilligers voor wie ik vurig hoop dat ze ooit zo’n fantastische Peppee kunnen worden als Jules, de schoenmaker van Zerkegem.

Deze blog verscheen als column in De Tijd van 18 mei 2013.

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Bas en Beelden

Mr. Backlash, Mr. Backlash
Just what do you think I got to lose
I’m gonna leave you
With the backlash blues

Backlash Blues, Nina Simone, ‘Nuff Said!, 1968

Ze is zo frêle dat niemand het ooit in haar had gezien. Ze heeft er ook nooit over gesproken op het werk. Ze had gezien hoe er weken met Eric-met-de-handen-als vorken was gelachen toen hij zich ge-out had als volksdanser. Maar ieder vrij momentje was ze bezig met schetsen. Driedimensionale miniatuurtjes die ze in het weekend omzette in monumentale beelden. Lena’s man vond dat ze talent had en bracht op een dag, zeer tot haar afgrijzen, een kennis mee die een kunstzaak had in het naburig stadje. De beelden vonden via De Beeldenstorm hun weg naar menige tuin en Lena werd beeldhoudster in bijberoep. Banken- en andere crisissen hadden geen invloed op des werelds nood aan grote beelden en Lena overwoog voltijds beeldhoudster te worden. De droom eindigde abrupt in het kantoor van de accountant. Het verkassen van ambtenaar naar zelfstandige was ronduit rampzalig voor haar pensioenvooruitzichten. Het Carrara-sprookje werd ingewisseld voor een spreadsheet die perfect aantoonde welk pensioen ze zou krijgen op welke leeftijd. Lena werd voltijds beeldhoudster op haar 61ste, toen ze de laatste keer de badge in de verkleurde prikklok van de Rijksdienst stopte. Maar die stralende glimlach waarvoor ze bekend was, was toen al lang weggeveegd.

Rik was altijd al een belhamel geweest. Twee keer van school gestuurd en in de derde school bekeken ze hem van dag één met een schuine blik. Het was wachten op 13 februari 1985, de dag dat hij achttien werd. Het waren slechte tijden, zeker zonder diploma, toen al. Maar hij vond een job in het enige computerwinkeltje dat Gent rijk was. De ganse dag door zeulde hij met dozen. Zijn collega’s vonden hem een geschikte gast want hij paste met plezier op de winkel tijdens de middag, Kon hij wat rotzooien met die PC’s. Hij bleek een computer-wizzard te zijn. Na een paar maanden was er iemand anders voor de dozen en mocht hij mensen zoals de inkoopdirecteur van Prisma bedienen. Rik werd computerman van Prisma. Alles ging prima tot Prisma overgenomen werd door een Amerikaanse multinational. Hij moest rapporteren aan een regelrechte beu-vent die, als het aan hem lag, dat hobbyistje snel aan de deur zou zetten. Rik begon zichzelf te betrappen op het inkijken van advertenties. Op een dag zag hij de perfecte job. De stad had iemand nodig zoals hij. De eerste selectie verliep perfect. Hij kreeg een keurige brief waarin medegedeeld werd dat hij toegelaten was tot de volgende proef en, oh ja, dit was wat hij zou verdienen. Zijn adem stokte: het was perfect de helft van wat hij bij Prisma International ving. De stad kon hem enkel een loon van ongeschoolde, sorry Niveau D, aanbieden. U begrijpt, mijnheer, zei de anders best vriendelijke man van de personeelsdienst, dat we op diplomaniveau moeten betalen. En ja, de anciënniteit van de privésector kon niet meegenomen worden. Regels van het geldelijk statuut. Rik werkt nog altijd bij Prisma. Hij vond een nieuwe passie. Hij leert bas spelen. Als Adam Clayton het ooit voor bekeken houdt bij U2, dan zal Bono me wel weten te vinden, grimlachte hij me toe en draaide zich, met die karakteristieke schuine hoofdbeweging, weg van het tafeltje in de Mokkabon om minutenlang door het venster te staren.

Aan Lena en Rik moet ik niet uitleggen waarom er een écht eenheidsstatuut moet komen. Niet alleen voor arbeiders en bedienden, maar voor iedereen.

Deze tekst verscheen als column in De Tijd van 3 mei 2013.

Carl Vanhemelen (@CarlVanhemelen) vroeg me wat een beeldhoudster is.
Mijn antwoord: Lena is een halftijdse boekhoudster die beelden maakt.
Carl: een boekhouwer, dus?

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Lefdoekje

Ben FoldsSmile like you’ve got nothing to prove
No matter what you might do
There’s always someone out there cooler than you

There’s Always Someone Out There Cooler Than You, Ben Folds, Supersunnyspeedgraphic. 2005

Het rare is dat ik vooral me zijn lefdoekje herinner, zegt leraar Tom me. Op een ouderavond had een vader hem tegen de muur gespijkerd. Letterlijk. Zijn Zoon had het bij Tom niet goed gedaan. En dat lag, vond de vader, aan Tom. “Jij bent een kloteleraar”, had hij geroepen want natuurlijk was Zijn Zoon slim genoeg, misschien wel hoogbegaafd. Daar kon het dus niet aan liggen. Als Tom nu wat meer inlevend zou zijn en niet constant zou mekkeren over het niet studeren of huistaken niet afwerken. Zijn Zoon deed ook nog andere dingen in het leven dan naar school gaan. Dat was minstens even belangrijk in het verdere leven. En Hij kon het weten want Hij had het gemaakt. Zijn naam kwam Tom wel bekend voor, maar waarvan kon hij zich, ook niet na het in orde brengen van zijn kledij, snel voor de directeur binnenkwam want dit mocht boven niet geweten worden: leerlingencijfer!, niet herinneren. Dat lefdoekje wel. En dat zag hij een paar weken later terug toen hij zappend op een zakenkanaal bij een discussie tussen bedrijfsleiders terechtkwam. Het erge was nog, zei Tom, die op zijn negenenveertigste nog altijd die typische stoutejongenslach had, dat hij echt wel verstandige dingen vertelde. Over die wurgende loonkosten, de broodnodige innovatie en de verfrissende bedrijfscultuur die daar voor nodig was. Tom had nog gedacht dat dit ook even goed voor het onderwijs opging.

Ik vertelde Tom niet dat ik de man kende, laat staan dat ik hem wel mocht. Niet echt onbewust van zijn maatschappelijke zwaarte, zeker, maar altijd charmant, zonder de clichématige vooringenomenheid waar je als overheidsmanager constant mee geconfronteerd wordt, en vooral, steeds geïnteresseerd in slimme ideeën. Lefdoekje vroeg me of ik voor zijn mensen wilde komen spreken over de veranderingen bij de overheid. Het was een perfect georganiseerd evenement met een keurige receptie achteraf.

Een vast onderdeel van mijn presentatie is een muisje dat snuffelend om de hoek kijkt, waarbij ik stand-up comedian-achtig poneer: “Wanneer je een bedrijf binnenkomt, ruik je de baas! Hoe ruikt het bij jullie?”. In feite hoef ik die vraag niet te stellen. Ofwel zit iedereen vlotweg tussen elkaar ofwel gaat de top dertig op de eerste stoelen zitten, en dan weet je het wel. In dat laatste geval, wordt er, bij de muisvraag , flink gegiecheld op de achterste rijen en blijven de lippen van de eerste rijen witweggetrokken op elkaar. Bij Lefdoekje kwam de zaal kwam niet bij. De ganse zaal. De ongedwongenheid die tot creativiteit leidt spatte van de muren.

En die ongedwongenheid was er ook op de receptie. Lefdoekje was aan het gekkebekken met de jongens en meisjes van de HR-afdeling terwijl ik rake vragen kreeg van sterk gemotiveerde mensen. Goede sfeer, warme cultuur. Stilletjes aan naderde Lefdoekje onze tafel, links een mannelijke por uitdelend en rechts een gendervriendelijk schouderkopje gevend. Eens gearriveerd, voegde hij moeiteloos in bij de kabbelende vragenronde, duidelijk wachtend op zijn moment. “Bijzonder inspirerend, Frank”, brak hij in, “maar met één iets heb ik wat problemen. Dat mensen helemaal niet rationeel maar vooral emotioneel beslissen, kweenie. Ik heb Kahneman ook gelezen, hoor. Maar allez, we zijn toch rationele mensen? Anders kun je toch niet functioneren?” Dat zegt mijn vriend Tom ook, zei ik. “Ook een manager?”, vroeg Lefdoekje. Neen, een leraar, zei ik. “Ah, dan moet het een goede zijn”, zei Lefdoekje.

Deze column verscheen op zaterdag 20 april 2013 in De Tijd.

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Sex & Food & Rock & Roll

ian dury

Keep your silly ways or throw them out the window
The wisdom of your ways, I’ve been there and I know
Lots of other ways, what a jolly bad show
If all you ever do is business you don’t like

Sex and drugs and rock & roll, Ian Dury, single, 1977

In het stadje waar een meerderheid Rolexhorloges in de index wil, is er sinds kort een winkel van Agent Provocateur, het lingeriemerk ontsproten aan de geile geest van Joe Corré, trotse zoon van punkaristocraten Vivienne Westwood, nu fashionista queen, en Malcolm McLaren, toen Sex Pistolsmanager. Men spreekt schande over die vitrine met een reuze foto van een arrogant over haar schouder kijkende dame die vanop een sofa nonchalant het minuscuul beslipt kontje in de lucht steekt. Dat hoort in Sluis, niet in Knokke. “Is sex dirty?”, vroeg men Woody Allen ooit. Zijn antwoord: “Only when it’s being done right.” Maar dat ontgaat de Knokkenaar, die culture nog steeds met frans getuite lippen uitspreekt.

In het stadje waar mannen zich niet schamen om in groen fluweel door de Lippenslaan te schrijden, heeft zich in een achterstraatje een wonder voorgedaan. Daar is, vanuit het niets, een tapasrestaurant opgerezen dat je eerder in Downtown San Francisco of het Londense West-End zou verwachten. Cuines, 33, oogt zo cosmopolitan als het klinkt. De naam spreek je uit als Kwines Trenta Très en is een eresaluut aan de legendarische Commerz24 van Carles Abellan. Chef Frederik Boussy leerde er dat je niet zomaar hapje tegen tapas zegt. Hij moet, in zijn Barcelonese tijd, menige Barçawedstrijd gezien hebben, getuige de looplijnen van de dertien (13!) Cuinezen, zes in de keuken en zeven tussen zaal en keuken. En net zoals bij de Roodblauwen blijft niemand een seconde op zijn positie. De koks breken constant uit hun keuken om met een duizelingwekkende snelheid de lijst van minstens veertien (14!) ingrediënten in iedere tapa af te ratelen. Zus Fleur Boussy is de Xavi van het geheel, alles passeert langs haar, maar een Pep Guardiola hebben ze niet nodig. Dat komt ervan als er twee Messi’s in de keuken staan. Cuines, 33 is in alles innovatief, dus werken er twee chefs. De andere heet Edwin Menue.

Bekijk de foto eens van die twee karakterkoppen. Die zelfzekerheid, die wie-doet-me-wat, die innovatie, die passie, waar hebben we dat nog gezien? Ja, bij de Soulwax-broertjes Dewaele, die Iggy Pop mengden met Salt-N-Pepa en de wereld verbijsterden met de raarste mash-ups. Ze hadden nog tientallen millionselling As Heard on Radio Soulwax-albums kunnen maken, maar Much Against Everyone’s Advice, hielden ze zich een jaar onledig met het ineen knutselen van een Radio Soulwax App, die hen geen eurocent opbrengt, maar onze dagen met de waanzinnigste muziek kleurt. Volgens oud management is dat verkwistende waanzin maar je kunt er gif op innemen dat die ervaring de Dewaeles, Any Minute Now, weer tot briljante muzikale inzichten brengt. Fleur, Frederik en Edwin weten ook wel dat hun business model duur is omdat je 2 elftallen nodig hebt om pure klasse met elegantie te combineren in 8 tapas. But they don’t care.

De Cuinezen en de Dewaeles zijn het prototype van de nieuwe entrepreneur. De oude entrepreneur maakt oude producten een beetje beter, gaat nooit naar Cuines, 33 want je krijgt er geen foie gras maar, godbetert, makreel en buikspek, en ergert zich aan de komst van Agent Provocateur. De Cuinezen en de Dewaeles zijn Agents Provocateurs Extraordinaires. Ze zijn passie én fun, ze zijn van hier maar nog meer van de wereld, en vooral, ze durven, niet om te overleven maar omdat ze het niet kunnen laten.

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Gent heeft ballen

glasvegasNo sweeping exits
No hollywood endings
Flowers and football tops
Don’t mean a thing.

Flowers & Football Tops, Glasvegas, Glasvegas, 2008

Vanaf de zomer van 2013 neemt KAA Gent zijn nieuwe stadion in gebruik.
 Om dit krachtdadig te illustreren, maakten 65 bekende Gentenaars een eigenzinnig kunstwerk met een bal. Je kunt deze ballen tot en met 14 april bewonderen in het straatbeeld van Gent en later ook in het nieuwe stadion. Op het Goudenleeuwplein, de Kouter en het Woodrow Wilsonplein kan je tot en met 14 april de 3 glazen huizen vinden, waarin alle 65 bekende ballen zijn tentoongesteld. Eén daarvan is van mij, of beter van mij en van Marie Belaerts, die mijn ideetje schitterend vorm gaf.

2013-03-26 13.09.34Mijn ideetje is al ruim bekend bij doorwinterde twitteraars. Het stadium mag geen louter voetbaltempel blijven, maar moet zich ontpoppen tot een nieuwe ontmoetingsruimte. Daar hoort muziek bij. En dus vroeg ik, langs de sociale netwerken, wie jullie daar willen zien en horen. Uit de vele “inzendingen” koos Marie de meest iconische koppen en ze plaatste ze als zwarte patches op de bal.

David Bowie 001Nicole Aarts – ‏@Nicole_Aarts – en Ben Van den Brande‏ – @GonzoJunior – wilden en krijgen David Bowie. Marie ging uit van het beroemde Aladdin Sane-profiel maar plakte het op de huidige Bowie. Nu Zijne Kunstzinnige Kameleon toch bezig is met zijn optredenspuzzel, doet dit hem misschien richting Gent kijken. Het silhouet van zijn immer briljante bassiste Gail Ann Dorsey zou niet misstaan in de Gentse schemering.

Motorhead 001
Het monster op twee motobanden, Hugo De Maertelaere – ‏@hdmaert – koos, niet voor Steppen “Born To Be Wild” Wolf, noch voor Bruce “Born To Run” Springsteen maar voor Motörhead. Marie vond het goddelijk om die boeventronie van Lemmy te tekenen. Worst- en bierlucht moet je er zelf bij bedenken.

Radiohead 001En now for another head. Op Facebook woedde een heftige strijd voor de meest vernieuwende band van de laatste decennia. Het ging ultiem tussen Radiohead en Massive Attack. Thom Yorke en de zijnen haalde het met een millimetersprint. Robert “3D” del Naja was te gretig op zoek naar de Blue Lines. Hail To The Chief, dus. The King of Limbs mag In Rainbows verkleed zijn.

Sade 001Mijn Teergeliefde, die met argusogen het bal- en muziekgejongleer volgde, vreesde dat de vrouwelijke klasse en charme zou ontbreken. Stacey Kent en Diana Krall waren al op Gent Jazz, dus werd het de mysterieuze Sade. Mijn tegenkronkelen mocht niet baten. Dus ontpopte ik me als Smooth Operator want Love Is Stronger Than Pride.

mark lanegan 001Mijn mannelijke vriendenkring blijkt nooit hun punk- en grungeverleden achter zich gelaten te hebben. Maar Lydon vinden ze Rotten en Kurt Cobain is niet meer. Mark Lanegan, ex-frontman van Screaming Trees, Cobains lievelingsband en de Lee Hazlewood bij Isobel Campbell, was aanvaardbaar. Voorwaarde: eerste bisnummer moet het Ray Davies-kleinootje “Nothin’ In The World Can Stop Me Worryin’ About That Girl” zijn.

Frank Lamar 001Mijn jeugdige aanhang vond het allemaal oudeventenmuziek. Er zou en moest hip-hop in. Maar wie moest dat worden? Geen seksisten! Ok, dan is de helft al uitgeschakeld. En het mocht wel wat smaakvol zijn. Bleef dan alleen Frank Ocean over, die met Channel Orange het beste album van 2012 uitbracht. Volgens mijn Millennialposse, weliswaar, die nooit genoeg krijgen van Super Rich Kids, al klinkt het bij hen verdacht veel als Super Bitch Kids.

Bent Van LooyPedro Facon – ‏@PedroFacon – smeekte om talent van eigen Gentse bodem: Absynthe Minded, Soulwax, Das Pop, Amatorski… Marie koos voor de kop van Bent Van Looy, die onze glorieuze stad nochtans verruilde voor een zielloze flat in Antwerpen, maar hij voelt zich beter in London, Parijs en Los Angeles, dus het kon. Zijn pianoplaat doet ten andere Jamie Cullum en Ben Folds verbleken. Dus ik plooide (no pun intended).

Arno 001Marleen Van Overschelde – ‏@mar_vano – zocht het ook op eigen bodem. En bij Arno, die we, toen nog een gedeelte van onze FOD vlak bij de Dansaertwijk hokte, geregeld tegen het lijf liepen. Tjens Couter was één van de eerste bands die ik live zag en TC-matic was even belangrijk als Talking Heads in onze muzikale ontwikkeling. Kom moar of, Arno, we zullen het niet aan je vrouw zeggen. Nous sommes quand même tous des Européens.

Messi 001Frederik Rousseau – ‏@fredandbreakfst – had het grappigste voorstel. “Lionel Messi als ultieme topact #kaagent”. Misschien kan hij “Barça” van The New Mastersounds brengen. Geen idee of de man kan zingen maar met zijn heupbewegingen past hij naadloos bij iedere backinggroepje. We zullen ons Lionelleke natuurlijk wel op een bierkratje moeten zetten.

Me and Marie 001Zo ziet de bal eruit, keurig in Delfts blauw uitgevoerd. Je vindt hem nog tot 14 april 2013 in het pop-up glazen huis op de Kouter.
Natuurlijk moest er ook een handtekening bij. Met Marie die over de schouder kijkt.
Mocht je ander werk van Marie willen zien of haar contacteren: http://www.mariebeelaerts.be

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Zona

R-2549997-1299870523It ain’t easy, living off the land
It ain’t easy, oh how I need your hand to hold
No one could believe a summer could be so damn cold

No One Could Believe A Summer Could So Be Cold, John Dillon, White Mansions, 1978

De Conzé Péjé is pas echt doorgedrongen in Zerkegem toen een paar overmoedigen zich verenigden in de vzw Zon voor Alleman, algauw de ZonA genoemd, en een bus huurden dat hen naar een ander gat in de grond bracht, maar dan in het Zuiden. Alles moest zo goedkoop mogelijk en dat bleek ook uit de keuze van de bus. Wijselijk lette men op het te verplaatsen gewicht. Dus werd iedereen op het hart gedrukt om echt niet meer dan 20 kg bagage mee te zeulen. Dat was nooit een probleem bij de heenreis maar bij de terugreis zorgden de aldaar aangekochte andersculturele waren voor overgewicht. Met de jaren groeide het bagagegewicht. Meester Allemeersch, hoofdonderwijzer van de Zerkegemse Lagere Jongensschool, vond dat het zo niet verder kon. Daar moest over nagedacht worden want voor het meten werd gebruik gemaakt van de laadbrug van de plaatselijke camioneur en die gaf niets aan onder de 100 kg. Dus werd de bus leeg gewogen en daarna opnieuw met alle bagage erin. Daarna paste Meester Allemeersch de gevreesde Regel van Drie toe. Iedereen moest evenveel procent achterlaten als er procent overgewicht was. Soms waren er meerdere meetbeurten nodig tot het gewenste gewicht bereikt werd. Dat gebeurde tot jolijt van de plaatselijke bevolking die zo in het bezit kwam van voor hen andersculturele waren. Na een paar jaren liep de helft van de Zuiderlijke jeugd rond in voetbaltruitjes met reclame voor Riva Pils. De bagagekwestie leidde tot verhitte discussies. De serieuze mensen die nooit meer dan 17 kg in hun valies durfden proppen hadden het snel door dat een paar snoodaards moedwillig hun valies tot wel 30 kg vulden. Met de jaren daalde het aantal Serieuzen en vergrootte de groep Boelbedervers, die de Serieuzen, niet eens buiten gezichtsbereik, hartelijk uitlachten. Meester Allemeersch werd door de Serieuzen voor het blok gezet: of hij vond een eerlijker systeem of volgend jaar deden ze niet meer mee. De Meester beloofde het ieder jaar maar nooit veranderde er iets. Nu, decennia later en jaren na het roemloze failliet van vzw ZonA, zijn er nog Zerkegemse families die niet met elkaar praten. Mocht er zich een begin van leedvermaak met West-Vlaamse geplogenheden van je meester maken, beste lezer, bedenk dan dat je bij iedere verkiezing Meesters Allemeerschen hebt verkozen. Alle regeringen gaan op dezelfde wijze tewerk wanneer er moet bespaard worden op hun administraties. Want besparen is steeds lineair, omdat de ministers de inhoud van de valiezen niet kennen. Bij iedereen, bij Serieuzen en Boelbedervers, wordt een gelijk procent afgenomen want “dat is toch eerlijk”. En ja, ook in administraties worden de Serieuzen uitgelachen. Waarom zou je, als overheidsmanager, zo weinig mogelijk geld voor personeel, ruimte of informatica vragen? “Zorg voor wat vet, dan snij je niet in je vlees bij lineaire besparingen”, wordt iedere nieuwkomer op het hart gedrukt. En als je daar morele last bij hebt omdat zoiets de belastingbetaler onnodig geld kost? “A la guerre comme à la guerre, mijnheer”. Ieder jaar vragen de Serieuzen aan de ministers om de volgende keer de inhoud van de koffers te vergelijken. Maar de dag na de begrotingsopmaak gaat men weer over tot de waan van de dag. En volgend jaar wordt er weer lineair bespaard. Zo krijgt zelfs een land gordelroos.

Deze blog verscheen op 23 maart 2013 als column in De Tijd. Deze versie is een beetje langer. De valiezenidee kreeg ik van Tom Auwers, alias @tauwers, mijn buddy-veranderaar en medeauteur van De Collega’s Werken Thuis.

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Vorst

Black Rebel motorcycle Club
Time won’t save our souls
Time won’t save our souls
Time won’t save my soul…no
When everything is going down
Nothing seem to feel the same

Shuffle Your Feet , Howl, Black Rebel motorcycle Club, 2005

Ni Dieu Ni Maître, parler vrai, geen blad voor de mond. Ja, zo ben ik. Maar er komt geen column van mij in deze krant zonder toestemming van mijn mama. Een mens moet zijn grenzen kennen. En bijna kwam deze column jullie nooit onder de ogen. “Ga je echt die lieve man aanvallen?”, vroeg ze me met die nooit écht kwade stem. Die lieve man is Hendrik Bogaert, de Straffe uit Jabbeke. Het laatste is hem fataal geworden want nadat ik mijn mama fijntjes herinnerd had aan het feit dat de Bogaert- dynastie verantwoordelijk is voor de fusie van Zerkegem met het Verre Jabbeke, kreeg ik de moederlijke absolutie. Je moet weten, lieve lezer, dat de herinnering aan het meest dramatische evenement van 1975 op mijn mama hetzelfde effect heeft als de Slag bij Alesia op Abraracourcix.

Dit legde ik mijn mama voor:

Ferguson werd in 1986 manager van Manchester United en sindsdien regent het daar lands- en andere titels. FA Cups, League Cups, Community Shields, UEFA Supercups, Champions Leaguescups en WK-bekers voor Clubteams, Sir Alex heeft ze allemaal binnengehaald. De man mag zich gelukkig prijzen dat hij niet in ons land werkt want zijn rijk zou hier al uit zijn geweest in 1998. Daar zou Straffe Hendrik voor hebben gezorgd. Sir Alex is namelijk manager (geen trainer, daar heeft hij mensen voor) en de Staatssecretaris is er vast van overtuigd dat een manager na twaalf jaar geen nuttige ideeën meer heeft. Als hij de regeringspartners meekrijgt zullen overheidsmanagers maximaal twee mandaattermijnen kunnen dienen. Een versheidsdatum op lasagnes is een goed idee, maar het ook toepassen op mensen is maar één van de vele achterhaalde ideeën uit de zich snel opvolgende reeks managementmodes. Politici ontpoppen zich daarin wel meer als dedicated followers of old fashion. Sommige ministers denken zelfs dat een fusie van het Ballet en de Opera dingen goedkoper zal maken. Maar daar kun je de Staatssecretaris niet van verdenken. Hij is tenslotte zelf een manager en dat zie je ook aan veel van zijn, laat ons eerlijk zijn, broodnodige ingrepen in het overheidsapparaat. En sommige overheidsmanagers hebben inderdaad na twaalf jaar geen ideeën meer. Maar dat is niet het echte probleem. Sommigen hebben na twaalf dagen al geen ideeën meer. Het echte probleem is dat er geen evaluatiesysteem is dat voorkomt dat stilgevallen overheidsmanagers op het pluche blijven plakken. Ministers moeten de overheidsmanagers evalueren en ze hebben daar nooit veel zin in want ze willen zich, terecht, volledig wijden aan beleid en dus maken ze er zich meestal snel vanaf met een “allez, ’t is goed”. Maar het ergste is dat evaluaties neerkomen op het nagaan of er in het departement zaken misliepen. Je moet als overheidsmanager dan al goed gek zijn om innovatief te zijn want dan lopen dingen wel eens goed fout. Als je je houdt aan de voorgekauwde procedures, loop je geen enkel risico. Maar met zo’n systeem kweek je vooral saaie, gedweeë uitvoerders.
Hoe dan ook, volgens Straffe Hendrik heb ik op 1 juni volgend jaar mijn rantsoen vernieuwingsideeën uitgeput. Ni Dieu enzovoort indachtig, ben ik daar niet van overtuigd. Daarom daag ik de Staatssecretaris op die dag uit tot een debat over de Staat van de Toekomst. Het mag in de Zevende Dag want 1 juni 2014 valt op een Dag des Heren. Voor het debat kiezen we elk drie juryleden. Wie wint wordt Minister voor de Federale Overheid. Daarom kies ik als één van mijn juryleden Albert II, Koning der Belgen, want dan ben ik zeker van mijn prijs als ik win. Al zal de Staatssecretaris niet veel vertrouwen in Hem hebben, vrees ik. De Vorst is al vorst sedert 1993.

Deze column verscheen op 9 maart 2013 in De Tijd.

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Klarageluk

beatles
Happiness is a warm gun
(bang bang shoot shoot)
Happiness is a warm gun, yes it is
(bang bang shoot shoot)

Happiness is a warm gun, The Beatles (Maar vooral John Lennon), White Album, 1968

Op zondag 10 maart 2013 was ik te gast bij radiomaker Pat Donnez en psychiater Dirk De Wachter in hun radioreeks Dat heet dan gelukkig zijn op Klara. Je kunt het hier herbeluisteren: http://radio.klara.be/radio/10_herbeluisteren.php?code=GEL

Tijdens de uitzending kun je mijn drie Don’ts beluisteren. Maar hier vind je ook de drie Do’s.

Don’t’s
1. Lieg nooit (en vooral niet tegen jezelf).
A Nucleus Of Truth (Dirk Brossé)

2. Behandel nooit een mens als een functie.
On your Way Down (Allen Toussaint) (Met de fantastische zin: The people you meet on your way up, you’re gonna meet them on your way down.)

3. Ga er nooit van uit dat iets stabiel is. Aanvaard dat de wereld VUCA is (volatile uncertain complex and ambigious).
And So Ended Kant’s Travelling In This World (Gavin Bryars)

Do’s
1. Verminder je ego en versterk je persoonlijkheid.
Free Your Mind And Your Ass Will Follow (Funkadelic)

2. Vertrouw mensen tot ze je vertrouwen beschamen. Command & control werken niet, vertrouwen & respect wel.
Some Trust All (Moondog)

3. Je kunt alleen iets bereiken in een diverse groep die iets wil bereiken dat veel groter is dan zichzelf.
Mysterious Adventure (John Cage)

Geplaatst in Geen categorie | 2 reacties