Tijdsloop

Bobby Blue

If you want something in this whole world

 You gotta be at the right place

 At the right time

 Be at the right place

The Right Place At the Right Time, Bobby Blue Bland, His California Album, 1973

De werkgroep Welzijn van het Ellipsgebouw stelt voor Vlaamse ambtenaren vanaf 18 uur geen mails meer toegestuurd krijgen. Het ziekteverzuim is er erg hoog, vooral door burn-out en stress. De Vlaamse ambtenaar was in 2014 10,6 dagen ziek. De federale ambtenaren (5,7 dagen) en de werknemers in de privésector (5,12 dagen) zijn maar half zoveel ziek.

Vrouwenvereniging Femma (het vroegere KAV ) lanceerde een aantal maanden geleden het voorstel voor een 30-urenwerkweek omdat “een kortere (betaalde) werkweek een antwoord biedt op de moeilijke combinatie tussen betaald werken en onze onbetaalde arbeid en op de economische, ecologische en welzijnsuitdagingen.”

Beide voorstellen gaan uit van een juiste vaststelling. Voor één keer is er weinig tegenspraak tussen alle studies die gemaakt worden over de werkdruk en de gevolgen ervan. Toen Karel Van Eetvelt, de grote baas van Unizo, stelde dat het combineren van werk en gezin maar voor een minderheid van de vrouwen een echt probleem is, had hij duidelijk niet zijn beste moment. Zelfs vluchtige lezing van het rapport dat professor Ignace Glorieux maakte voor het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen zou hem snel op andere gedachten bregen. Maar wat hem vooral beroerde was de ongerustheid dat een beperking van de werkweek van 38 naar 30 uur de facto een loonlastenverhoging van 21 procent zou betekenen.

De twee analyses mogen dan wel correct zijn, de oplossingen zijn het veel minder. De belangrijkste reden is dat men blijft hangen in de tijd. Of juister, men blijft hangen in de tijd waar tijd de maatstaf was van alles wat arbeid is.

Als de mailbox dichtgaat, gaat men uit van de negen tot vijfweek en bestendigt men met de maatregel de vanzelfsprekendheid ervan nog verder. Dat is bevreemdend want er zijn nogal wat aanwijzingen dat de onwrikbare werkweek een grotere bron van stress is dan het nog steeds uitdijende mail-, sms- en alle andere digitale dataverkeer. De prille wetenschap van chronobiologie heeft het bestaan van genetisch bepaalde “vroege” en “late” chronotypes vastgesteld. Vaste arbeidstijden houden geen rekening met ochtend- en namiddagmensen. Verstandige werkgevers houden daar wel rekening mee omdat ze weten daardoor te kunnen rekenen op meer gezonde en meer gemotiveerde werknemers. Dat soort werkgevers weet ook dat de flexibiliteit ten voordele van het bedrijf niet ten koste kan gaan van de flexibiliteit van zijn werknemers. Dus stappen ze af van het tijdsdenken en de prikklok en slaan resoluut de richting van resultaatsafspraken in.

Mensen die zelf kunnen beslissen wanneer ze werken, werken ze vooral wanneer ze geconcentreerd zijn. Dat is wanneer hun biologiechrono juist staat en de emotiebarometer, de preoccupatie voor kinderen, naasten, vrienden en zichzelf, stabiel is. Dan doet men in 6 uur meer dan wat men in een 9 to 5-werkdag kan presteren.

Femma zal de reële 30-urenweek sneller bereiken wanneer ze zich inzet voor resultaatsafspraken zonder tijdsbepaling dan voor een 30-urenwerkweek, die inderdaad voor lastenverlaging en resultaatsverlaging zal zorgen omdat de 9 to 5 dan wordt omgezet in een 9 to 4.

Al blijkt uit lezing van het rapport Glorieux dat het helemaal niet zeker is dat mannen hierdoor meer zullen doen in het huishouden en meer met de kinderen bezig zullen zijn. Want dat combineren ze liever met vrijetijdsbeleving, zoals de krant lezen en zijdelings een oogje houden op de kroost.

Dat is ook de raad die je de werkgroep Welzijn van het Ellipsgebouw kan meegeven. De druk op mensen wordt niet zozeer bepaald door het aantal mails maar door de inhoud ervan. In platte organisaties die draaien op afspraken wordt wel vastgelegd wanneer een werk af moet zijn maar niet wanneer er aan gewerkt moet worden. Dat zie je aan de frequentie, de inhoud en de toon van de mails. In hiërarchische organisaties zijn mails van leidinggevenden dringend en dwingend, ook wanneer het in de feiten helemaal niet zo is.

Het is kiezen tussen tijdslopen of back tot he future.

 

Naschrift

Deze tekst verscheen als column in De Tijd van 24 oktober 2015.

Video The Right Place At the Right Time: https://www.youtube.com/watch?v=EaQFMgInz54

Over Femma-voorstel:

http://www.femma.be/nl/onze-visie/artikel/waarom-het-nieuwe-voltijds-zo-veel-kansen-in-zich-heeft

http://www.knack.be/nieuws/belgie/we-moeten-naar-een-30-urenwerkweek/article-normal-95736.html

http://www.standaard.be/cnt/dmf20141120_01387749

Studie Glorieux: http://igvm-iefh.belgium.be/nl/actiedomeinen/arbeid/combinatie_arbeid_gezinhttp://link.springer.com/article/10.1007/s12498-011-0230-5#page-1

 

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

Edith

MI0000028179

Did you ever, ever see the people
With the tear drops in their eyes?
I just can’t stand it, stand it no how
Living in this world of lies
Did you ever hear about the great deception?

The Great Deception, Van Morrison, Hard Nose The Highway, 1973

De zeldzame negentigjarigen die de Great Depression bewust meemaakten zullen meewarig hun schouders ophalen als ze hun kleinkinderen horen klagen over de crisis. Zoals ze dat ook al deden in de jaren zeventig toen mijn generatie kennis maakte met de Great Deception.

Op de schoolbanken kregen we constant te horen dat economische crisissen achterhaalde verschijnsel en waren. Maar toen ik op 11 juli 1977 mijn diploma rechten kreeg – de enige dag in mijn leven dat ik mij jurist voelde – wachtte mij, zo leek het toch, een lange toekomst van werkloosheid. Gelukkig duurde die maar vijf maanden. Ik was in mijn uitgebreide kennissenkring de eerste met een job.

Natuurlijk waren er een paar begonnen aan hun advocatenstage maar die verdienden geen cent en overleefden omdat partners of ouders hen wat toestopten. Sommigen van mijn vrienden mochten een paar uur les geven in de Brusselse rand tijdens de voormiddag om dan snel naar Brugge te sporen om daar een zieke leraar te vervangen.

Terwijl ik op zondagmiddag mijn traditionele Zerkegemse friet met zelfgekweekte kip verorberde vertelde mijn mama me dat Fernand, haar broer, van de RVA te horen had gekregen dat hij niet meer moest informeren naar werk omdat dat er toch niet was en voor iemand van zijn leeftijd ook nooit meer zou zijn. Nieuwsuitzendingen gingen over sluitende bedrijven en verdwenen jobs.

De essentie van mijn eerste job was andere mensen werk geven. Ik mocht BTK-projecten (goed)keuren. In die dagen was Guy Spitaels nog geen God maar een gewone Minister van Arbeid en vooral Tewerkstelling. Hij wilde een Lost Generation voorkomen. Dus vond hij het Bijzonder Tijdelijk Kader uit. Steden, gemeenten, de pas opgerichte en straks afgeschafte OCMW’s, en verenigingen konden sociale of culturele projecten indienen en kregen daarvoor door de staat betaald personeel.

Toen was er amper Dom Rechts, want de liberale oppositie had alleen nevenopmerkingen over het Plan Spitaels, nochtans één van de grootste Keynesiaanse ingrepen in onze nationale geschiedenis.

Maar er was toen al veel Dom Links. Ze noemden het BTK en zijn opvolgers Derde Arbeidscircuit en Stelsel Gesubsidieerde Contractuelen, nepstatuten. Later werden die nepstatuten, in het leven geroepen door een travaillistische regering, toegeschreven aan rechte regeringen. Cognitieve dissonantie slaat overal toe. “De regering Martens-Gol werd ook de regering van de nepstatuten, die een hypotheek legden op een hele generatie”, schreef de anders goed geïnformeerde Marc Hooghe een jaar geleden in De Standaard Avond. Blijkbaar was het beter geweest tienduizenden mensen jarenlang werkeloos te laten toezien hoe hun beste jaren voorbij gingen.

Hooghe heeft geen oog voor de sociologische revolutie die BTK-projecten met zich bracht en voor de nieuwsoortige jobs die erdoor gecreëerd werden. Alleen al in Gent hadden we zonder het BTK nooit die enorme culturele explosie meegemaakt met Theater LOD, het Nieuwpoorttheater, de Blauwe Maandagcompgnie en alles wat de geniale Arne Sierens op ons losgelaten heeft.

In die tijd voelde ik me een klein jongetje in een net geopende speelgoedwinkel. Iedere dag zat ik bij enthousiaste mensen met totaal nieuwe, onverwachte en soms ronduit absurde ideeën.

Een Dirk Pauwels bijvoorbeeld, die met Radeis het Theater in Vlaanderen had heruitgevonden en die tot mijn verbazing een timide man met veel zelfspot en zeldzaam briljante ideeën was.

Of een Jan Klussendorf, van de Vereniging Voor Positieve Aanwending (ja, we schrijven 1978), die Taxistop uitvond en een Eric Temmerman die het socialistische bastion Vooruit behoedde van afbraak en Gent van nog een parkeergarage door er een pluralistisch kunstenhuis van te maken. Ik zag jonge dokters die Wijkgezondheidscentra uit de grond wilde stampen.

En ik ontmoette Edith Devriendt van Solidariteit voor het Gezin, die toen een twintigtal mensen tewerkstelde. Ze had ideeën voor poetshulp, voor karweidiensten en voor nagenoeg alles wat je decennia later met dienstenchecks kunt inhuren. Ze wilde serviceflats bouwen “want je moet mensen in hun eer laten”. Ze was een liberaal boegbeeld maar zelden heb ik iemand ontmoet met zo’n sociale betrokkenheid. Nu stelt Solidariteit5.600 mensen te werk.

Een tijdje geleden bezocht haar zoon en opvolger, Erwin, onze FOD. “Zo gaan we het ook doen”, zei hij. Erwin heeft de genen van zijn ouders. In juni opende het nieuwe Solidariteit zijn deuren. Ik mocht er spreken, samen met Edith, die mij op haar tachtigste moeiteloos in energie en positivisme voorbijschoot. De Grote Dame stierf, vanzelfsprekend op haar eigen manier, een maand geleden.

 

Naschrift

Deze tekst verscheen eerst als column in De Tijd van 10 oktober 2015

Video The Great Deception https://www.youtube.com/watch?v=F1X6K8lcnjc

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Enkelband

kinks

I’m sitting in my office

In the metropolis

I’m just part of the scenery,

I’m just part of the machinery.

Chained to my desk on the 22nd floor,

I can’t break out through the automatic door,

I’d jump out the window but I can’t face the drop

I’m sitting in a cage with an eye on the clock.

Rush Hour Blues, The Kinks, A Soap Opera, 1975.

Tot mijn uiterste verbazing blijk ik, getuige het lijstje in The Power People, het nieuwe boek van Ivan De Vadder, te behoren tot de veertig machtigste mensen in Vlaanderen. Je kunt me bezwaarlijk macht toeschrijven, maar macht heeft een neefje dat invloed heet, legde de auteur uit in De Wereld Vandaag. Nagenoeg alle niet-politici in de lijst wordt vooral invloed toegeschreven. Mijn invloed zou zijn dat ik mensen anders leerde kijken naar werk en hoe het te organiseren. De basis van alles is: tevreden werknemers.

Maar als ik al invloed had, dan is die sterk tanende.  “Autonomie van werknemer neemt af, tevredenheid ook”, meldde Eva Berghmans deze week in De Standaard. “22 procent van de Belgische werknemers is ontevreden. Dat blijkt uit een bevraging van de HR-consultants van SD Worx. In 2009 was slechts 17 procent ontevreden.” Heel wat mensen hebben het gevoel dat ze niet zelfstandig genoeg kunnen werken. De 9 to 5 dwingelandij maakt hen doodongelukkig.

Verleden week stelde de SP.a voor mensen te belonen om uit de file te blijven. Onmiddellijk reageerde Annick De Ridder (N-VA). “Die partij lijkt te vergeten dat zeer veel mensen de keuze niet kunnen maken voor glijdende uren, maar aan vaste uren gebonden zijn.”

Jammer genoeg klopt deze stelling maar je kan ernstig twijfelen aan de onvermijdelijkheid die eruit sprak. Natuurlijk zijn er functies die je enkel op vastgestelde uren kan uitvoeren. Maar de grote meerderheid van de functies in ons land waar de desindustrialisering snoeihard toesloeg en waar de meeste mensen in de kenniseconomie, zeg maar met de computer, werkt, hoeft het terugbrengen van de werkuren tot 9 to 5 niet meer.

De Ridder en vakbonden, in deze verrassende bondgenoten, zien systemen van glijdende uren als alternatief voor het vaste urenwerk. Dat was misschien zo in de jaren tachtig maar nu is het hopeloos achterhaald. Volwassen kennisorganisaties maken goede afspraken met hun werknemers over de resultaten en laten hen toe te bepalen wanneer en waar ze werken.

Op mijn tweet “De meeste mensen zouden kunnen werken buiten 9 to 5 maar mogen niet van hun werkgevers die even conservatief zijn als hun vakbonden”, kwamen er woedende reacties. Dat ik niet door had hoe flexibel KMO’s wel waren en hoeveel waardering de werkgevers wel overhadden voor hun mensen. Dat kan ik, na vele bezoeken in het rijke veld aan KMO’s dat ons land rijk is alleen maar bevestigen. Maar die flexibiliteit is vooral gericht op productvernieuwing. Op het vlak van werkregeling zie je vooral verkrampte reacties. Werkgevers blijven vasthangen aan de prikklok, die nochtans alleen maar aangeeft dat iemand geprikt heeft en zich mogelijkerwijze in het bedrijf bevindt. Hoe hard het ook klinkt: er is een tekort aan vertrouwen.

Heel dikwijls krijg je te horen dat vrijlaten wanneer je werkt niet voor iedereen kan, dus kan het voor niemand. Alsof het gelijkheidsdenken regel zou zijn in organisaties. Zo hoeven nagenoeg alle kaders niet te prikken. Diezelfde tendens zie je ook wanneer organisaties thuiswerk overwegen. Ze stellen zich de vraag “Wie kan thuiswerken?”. De hoger geschoolden en het kader is het verdict. De rest kan je niet vertrouwen. Werkgevers moeten zich een andere vraag stellen “Welke functies kan je ook buiten de werkplek uitvoeren” en dan de vrijheid laten aan de werknemers om het al dan niet te doen.

Overigens, de meeste bedrijven die thuiswerk toelaten vinden dat mensen ook thuis van 9 tot 5 moeten werken. Dan is op het kantoor werken de gevangenis en thuiswerken de enkelband. Bovendien mag je maar 1 of 2 dagen thuiswerken. En dus staan die mensen drie keer per week in de file.

Je hoef geen MBA gehaald te hebben om te begrijpen dat alleen tevreden mensen de betere prestaties leveren en voor innovatie zorgen, maar toch slagen werkgevers erin systemen te bouwen die hun werknemers steeds minder tevreden maken. Het ligt aan de arbeidsreglementering, zeggen ze steevast. Die is inderdaad totaal achterhaald. Maar als je toch zo flexibel bent, dan vind je toch een oplossing? Als het lingeriebedrijf Van de Velde en zelfs een ministerie het kan, zal het wel geen rocket science zijn, zeker?

Naschrift

Video Rush Hour Blues: https://www.youtube.com/watch?v=si1HCtAE73M

Na een twittergesprek met @deVervecken alias Herman Vervecken veranderde ik de zin “Je hoef geen MBA gehaald te hebben om te begrijpen dat alleen tevreden mensen de goede prestaties” in ” Je hoef geen MBA gehaald te hebben om te begrijpen dat alleen tevreden mensen de betere prestaties leveren en voor innovatie zorgen”. Ook ontevreden mensen kunnen goede prestaties leveren, mazar het is te betijfelen of het lang blijft duren. Bedankt, Herman.

De correspondentenreeks van Eva Berghmans in De Standaard is bijzonder aanbevelingswaardig:

http://www.standaard.be/cnt/dmf20150922_01881718

http://www.standaard.be/cnt/dmf20150922_01881520

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

VRTrouwensbreuk

White Buffalo

Playing make believe

When no one‘s around

Radio with no sound

Radio With No Sound, The White Buffalo, Love And The Death Of Damnation, 2015

Een aantal jaren geleden mocht ik een masterclass verzorgen over cultuurverandering te geven voor een zeventigtal leidinggevenden bij de VRT. Een VRT-topdog leidde de zaak in met de stelling dat een organisatie nood heeft aan een messcherpe missie, een klare visie en een sluitende strategie maar dat doelstellingen papieren dromen blijven zonder een door iedereen gedragen bedrijfscultuur. Waarna de topdog zei jammer genoeg niet te kunnen blijven want er wachtte een belangrijke vergadering. We werden een leerrijke dag gewenst.

Even bekroop me de aandrang om daar en dan een einde te maken aan de feestelijkheden. Maar dan zie je de vele verwachtingsvolle gezichten en start je de sessie, zij het met wankele moed. Ik heb het me nooit beklaagd want zelden was ik getuige van zoveel gretigheid. Later, bij een hapje en een drankje, kwamen de verhalen over hoe beslissingen werden genomen (topdown) en hoe ze gecommuniceerd werden (nauwelijks). Maar de toon was helemaal niet depressief. Er was hoop op verandering en vooral, er was absoluut geen gebrek aan ideeën. Integendeel, tijdens de staande lunch kreeg ik een hoe-maak-ik-een-schitterend-programma-masterclass van een steeds aangroeiende groep enthousiaste mediamensen.

Het beeld van die dag was een oceaan vol talent die amper bevist werd door een topmanagement dat zijn tijd verdeed met eindeloze meetings.

Lezing van de resultaten van de tevredenheidsenquête bij de VRT (De Tijd 8/9), doet vrezen dat er de afgelopen jaren niet veel is veranderd. De VRT-werknemers klagen het gebrek aan leiderschap en communicatie aan. Nauwelijks 8 procent noemt het management een rolmodel en de communicatie vanuit de top wordt maar door 11 procent van de VRT-mensen gedragen. De cijfers leggen een diepe malaise bloot.

Slechts één keer eerder zag ik zulke lage scores. Dat was bij de Gentse politie in 1995. Nieuwbakken burgemeester Beke vroeg me om samen met Brice De Ruyver de politie te hervormen na een reeks schandalen. We beslisten om de tevredenheid te meten. De Gentse flikken vonden alles ondermaats: hun combi’s (nochtans de modernste van het land), hun kazerne (nochtans pas ingrijpend gerestaureerd) en nagenoeg al de rest kregen een nul op het rekwest. De echte boodschap was: we willen weer trotse flikken zijn.

Dat is ook het grote lichtpunt in de tevredenheidsenquête bij de VRT. Zeven op de tien zijn trots voor de VRT te werken. Dan is niet alles verloren. Een organisatie die zich in zo’n hachelijke situatie bevindt maar snel het roer omgooit zal snel het vertrouwen winnen van zijn mensen. Op voorwaarde dat ze overtuigend investeert in systemen van door werknemers gedragen en aangedragen beslissingen, een open interne communicatie opzet en managers wegwerkt die hun ego belangrijker vinden dan hun organisatie.

Dat doe je zeker niet door boven de hoofden van je mensen een transformatienota te schrijven, zoals het bij de VRT gebeurde, en dat doe je zeker niet door de regie van de communicatie erover uit handen te geven. Zeker, het gedrag van het lekkende lid van de Raad van Beheer is schandaleus. Maar een publieke manager weet dat de kans dat zoiets gebeurt bijzonder groot is met mensen die de raad bemannen bij gratie van het Cultuurpact en niet zelden hun partijbelangen laten voorgaan op de liefde voor de instelling die ze moeten verdedigen. Als overheidsmanager hoor je daarop te anticiperen en communiceer je onmiddellijk, overtuigend en met autoriteit via alle media en niet te elfder ure, defensief en hopeloos improviserend in je eigen radioprogramma.

De VRT-werknemers geloven in de waarden van hun zender maar betreuren dat de organisatie er te weinig naar handelt. Na deze week zal dat niet veranderd zijn. En daarmee schuift het VRT-licht van oranje naar rood: organisaties die hun waarden niet bewaken worden eerst waardenloos en daarna waardeloos.

 

Naschrift

Video Radio With No Sound: https://www.youtube.com/watch?v=862vHvVJfH8

Meer van de intrigerende Jake Smith,alias The White Buffalo: http://tinyurl.com/nsh9vy4

Artikel in De Tijd over tevredenheidsenquête bij de VRT: http://tinyurl.com/ohuuftw

 

 

 

 

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

Buitenkans

Summer Camp

I’m better off without you,

We both know that it’s true,

I’m better off without you

Better Off Without You, Summer Camp, Welcome To Condale, 2011.

Een directrice van een gemeentelijke basisschool nam ontslag omdat ze een slecht functionerende leerkracht niet kan ontslaan. De leerkracht doet niet aan werkplanning, haalt haar leerplandoelstellingen niet en werkt liever niet samen met haar collega’s. Maar de directie was niet ingegaan op haar vraag naar externe begeleiding. Dat was voldoende voor de Raad van State om haar ontslag nietig te verklaren. Eén foutje was voor deze immens intelligente juristen genoeg om de ganse waslijst van grove fouten van de leerkracht als onbelangrijk van de tafel te vegen. Ieder weldenkend mens vindt dit het toppunt van onevenwichtige afweging.

Niet zo Jos Van Der Hoeven, de secretaris-generaal van de Christelijke Onderwijscentrale, die de uitspraak van de Raad van State volledig terecht vond. Of zijn vakbondslid een goede of een slechte leerkracht is, vindt hij volstrekt onbelangrijk. Het verwondert me niet: ooit zag ik een eisenbundel van de socialistische onderwijsvakbond waar geen enkele keer het woord leerling in voorkwam.

“Je moet je moeder én je vader vermoord hebben om buiten te vliegen bij de overheid” is echt geen cliché.

Leg je oor te luisteren bij nagenoeg Iedere leidinggevende in de publieke sector en je krijgt dit soort kafkaiaanse verhalen te horen in tonen van woede, ongeloof en gelatenheid, naargelang van karakter en dienstjaren. “Je moet je moeder én je vader vermoord hebben om buiten te vliegen bij de overheid” is echt geen cliché. Het aantal ambtenaren die ontslagen werden omdat ze volstrekt niet voldeden is op de hand van een onhandige schrijnwerker te tellen. Voor de meesten, en dat zijn er in percentage uitgedrukt zeer weinig, die de laan uit werden gestuurd lag er een zwaar tuchtdossier op tafel, dat niet zelden gebaseerd was op een strafrechtelijke uitspraak.

Nagenoeg nooit vliegt een luie ambtenaar eruit. Het gros van mijn collega’s begint zelfs in zeer manifeste gevallen niet aan een procedure die na twee negatieve evaluaties moet leiden naar een ontslag, Dat heeft niet te maken met een gebrek aan moed maar alles met ontmoediging. In de beroepscommissies moeten leidinggevenden zich komen verantwoorden voor negatieve evaluaties alsof ze schuldig zijn aan roofmoord bij nacht.

Sommige vakbondsmensen in de beroepscommissies kunnen niet helemaal loskomen van de idee dat men toch moeilijk de directie kan gelijk geven. Zo was er niet zo lang geleden een ambtenaar die zich hard voor zijn vakbond inzette maar helemaal niet voor onze FOD, en dus een onvoldoende kreeg. Zijn vakbondsgenoot in het beroepscomité stelde voor werd om de evaluatie in “uitzonderlijk” om te zetten. Gelukkig gingen de andere leden niet in op dit hilarische voorstel. Hopelijk vindt de Raad van State niet ergens het foutje dat door de omslachtige procedure niet te vermijden valt.

Het is onbegrijpelijk dat délégués tijdens hun verbeten strijd voor een luie ambtenaar niet doorhebben dat ze daardoor het totale misprijzen opwekken bij de collega-ambtenaren die wel correct hun werk doen en er daar bovenop nog knarsetandend het werk van de luiaard moeten uitvoeren.

In de zomerreeks De Prullenmand poneerde Ignace Van Doorselaere de uitdagende stelling dat evaluaties tijdrovende gedrochten zijn. “We moeten de cultuur meer vormen op basis van de informele dialoog en feedback. Zoals thuis”. Woorden naar mijn hart. Niet dat de CEO van de lingeriegroep Van de Velde blind is voor de werkelijkheid: “Als u dan toch problemen met iemand hebt, is een schriftelijke neerslag nodig. In het geval van onenigheid is een dossier belangrijk. U kunt niet altijd rekenen op de eerlijkheid en de goeie intentie van mensen.”

Met dit inzicht als basis zou de federale administratie duizenden uren aan nutteloze en voor iedereen frustrerende functionerings- en evaluatiegesprekken uitsparen, kostbare uren die kunnen besteed worden aan innovatie, coaching en vorming. De formele evaluatie blijft dan enkel bestaan voor mensen die manifest onderpresteren. En nu we toch aan het dromen zijn, schrap de beroepscommissies en laat de alles tegen elkaar afwegende arbeidsrechtbank en niet de foutjeszoekende Raad van State de ultieme rechter zijn van de beslissing om iemand de laan uit te sturen. Wie, buiten het ultra kleine groepje luiaards en hun verdedigers, zou hier tegen kunnen zijn?

 

Naschrift

Deze tekst verscheen als column in De Tijd van 29 augustus 2015.

Video Better Off Without You: https://www.youtube.com/watch?v=EgrP6fzGKjg

De opinie van Ignace Van Doorselaere: http://www.tijd.be/opinie/column/Evaluatiegesprekken_zijn_tijdrovende_gedrochten.9658814-2337.art

Ingrid Ceusters, CEO van Group Hugo Ceusters schref er een tegenopinie over: http://www.tijd.be/opinie/algemeen/Evaluatiegesprekken_zijn_elke_minuut_waard.9659244-7765.art?ckc=1

 

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

HippiEntrepreneur

MI0003825338

In a Dreamy State, Danny Green Trio, After The Calm, 2014

De Prullenmand, de zomerreeks in deze krant, is een voltreffer. Hopelijk worden al die juweeltjes gebundeld in een mooi boekje, dat straks op een druilerige zaterdagse herfstdag je vakantieblues iets kan verzachten. Dan kan je nog rustig onder meer het stukje “Wat we zelf doen, doen we beter” (De Tijd 30 juli) van Peter De Keyzer, Chief Economist BNP Paribas Fortis, (her)lezen.

De Keyzer wil de overheid als deus ex machina naar de prullenkast verwijzen. Het zal u misschien verwonderen maar dat kan ik volledig onderschrijven. “Voor elk persoonlijk probleem, elk maatschappelijk fenomeen of elk ongemak kijken veel te veel mensen eerst naar de overheid om een oplossing te bieden”, zegt hij en heeft overschot van gelijk. Voor veel burgers, vooral degenen die walgen van het enorme overheidsbeslag, is de overheid de verzekeraar voor alles waarvoor ze niet verzekerd zijn. Al die dingen maken de staat weer duurder, antwoorden we burgers die onze FOD aanwrijven hun eigenste situatie niet te verbeteren. “Men doet het wel voor (onbeschoft woorden)”, luidt geregeld het antwoord.

Maar niet zelden krijgen de luidste klagers, zeker als ze met hun klacht de media halen, ook het oor van de minister. “Door op elk probleem of elke vraag te reageren met ‘daar gaan we iets aan doen’, werken politici die overbevraging voor een deel zelf in de hand. Zelden hoor je een politicus zeggen dat ‘burgers dat best zelf regelen’ of dat ‘dat geen taak is voor de politiek’, stelt De Keyzer vast.

Nog maar net was Ben Weyts minister van dierenwelzijn of hij werd geconfronteerd met de immigratie van zieke Poolse hondjes. ’s Anderendaags legde hij in alle media uit hoe hij dat zou aanpakken.

In een straal van 800 meter rond mijn huis zijn er 15 apotheken. Dat is al jaren zo. Nu heeft de Apothekersbond die apotheekproliferatie ook opgemerkt en wordt de alarmklok geluid. Onmiddellijk laat het kabinet van Maggie De Block weten dat ze dit probleem onverwijld zullen onderzoeken.

Laat dit dan nog twee ministers zijn die er zich heel goed van bewust zijn dat reeksen gemediatiseerde pop-upproblemen tot steekvlampolitiek en niet tot een gedegen beleid leiden.

Sommige ministers reageren als door een bij gestoken wanneer ze een negatief bijvoeglijk naamwoord vinden in een krantenstukje waarin ook hun naam wordt vermeld. De schrik voor de wankelmoedige kiezer zal dit gedrag niet snel keren.

Maar De Keyzer gaat wel bijzonder ver in de anti-etatistische richting met zijn eindstelling “Echte welvaart komt van burgers die zelf nadenken, samenwerken, ondernemen en innoveren. Maak van overheidsinterventie de uitzondering en van ondernemerschap de norm”. Natuurlijk kan niemand tegen burgerparticipatie in het beleid zijn. Michael Van Peel heeft het tekort daaraan krachtig samengevat in zijn heerlijke oneliner “De kiezer beslist maar de burger moet zwijgen”.

Maar ik mag De Keyzer toch graag de lectuur van Mariana Mazzucato’s The Entrepreneurial State aanraden. Daarin legt ze uit dat het succes van Apple onmogelijk was geweest zonder de overheid. Het leger was de pionier van internet en GPS en zorgde zelfs voor de eerste financiering van Silicon Valley. Publieke universiteiten ontwikkelden het touchscreen en de HTML-taal. De eerste $500.000 die Apple nodig had om op de markt te komen kon het goedkoop lenen bij een overheidsinstantie. De ondertitel van haar boek is zeer veelzeggend: debunking Public Vs. Private Sector Myths. Haar besluit: welvaart wordt door een geïntegreerde samenwerking van overheid, ondernemers en burgers bereikt.

Apple toonde overigens weinig dankbaarheid voor al die overheidshulp. Ze stak massa’s energie in methodes om het binnenstromende geld onder te brengen in offshore banken en bracht de intellectuele eigendom onder in het goedkope Ierland. Een aantal van hun topmensen was betrokken bij het project van Silicon Valleybedrijven die een onbewoond eilandje wilden kopen om daar hun eigen, vanzelfsprekend minimale, staat te stichten.

In Californië is zich een merkwaardig soort ondernemerschap aan het ontwikkelen: entrepreneurs die de hippiedroom van de sixties om de wereld te veranderen koesteren maar dat niet via sociale actie willen bereiken maar met nieuwe technologieën. En vooral volstrekt buiten de staat. Ze kennen hun eigen geschiedenis niet. Of willen er niet aan herinnerd worden. Zoals ook bankiers 2008, en wat overheden toen moesten doen, uit hun geheugen wissen.

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

Steekvlamartikel

Superchunk, On The Mouth

The matter is not where we go

But how long it will last

The question is how fast

This is not a test, it’s just an ask

The Question Is How Fast, Superchunk, On The Mouth, 1993

Tijd: een vrijdagochtend, ergens in 1998. Plaats: vergaderzaal van Burgemeester en schepenen in het Gentse stadhuis. Iedereen haalt zijn dossiers boven en organiseert ze zorgvuldig op de voorname tafel. De Schepen Van Kleine Zaken wipt nog even buiten voor een sanitaire stop. Schepen Serraes pakt de krant op van de afwezige schepen. “Hela, hela!”, roept Schepen Termont “blijft ne keer van de dossiers van de collega!”. Als de Schepen Van Kleine Zaken, bekend voor zijn uiterst beknopte voorbereidingen, terug binnenkomt vindt hij een vergadering met gierend van het lachen over elkaar vallende collega’s.

Mocht dit tafereel zich vandaag afspelen in onze parlementen, dan zou niemand daar de grap van inzien. Want voor de meeste parlementsleden zijn de krant en bij uitbreiding radio en televisie de belangrijkste bronnen voor het stellen van hun Actuele Vragen. Dat zeg ik niet, dat zegt de jongste Vlaamse parlementair Francesco Vanderjeugd in de Knack deze week. Hij ergert zich blauw over de vele actuele vragen die over kwesties gaan die de media haalden. “Politici zouden beter wat minder kranten lezen en wat meer voeling houden met wat er echt leeft onder de burgers”, zegt de jongeman.

Van beroep is hij kapper, en mag zijn habitat nu uitgerekend de plek zijn waar de kans dat je mij er tegenkomt erg klein is, van vroeger weet ik nog dat het talent van kappers om met kapsels om te gaan wisselend is maar dat hun talent om de pieren uit je neus te halen onveranderd als buitengewoon kan omschreven worden. Vanderjeugd weet dus echt wel wat er leeft onder de burgers.

Wat Vanderjeugd vaststelt na één jaar parlement, is al jarenlang bekend bij de mensen die op onze FOD de Actuele Vragen moeten beantwoorden. “Parlementaire vragen zijn meestal hoeveel/hoelang-vragen. Actuele vragen zijn vragen over de krant”, zeiden ze me toen ik daar Voorzitter werd. Dat klonk me wel erg cynisch in de oren maar toen ik de eerste parlementaire vraag zal voorbijkomen (Hoeveel aanvragen voor een parkeerkaart voor mensen met een handicap zijn er de vorige drie maanden ingediend? Hoelang is de gemiddelde duur van dossierafhandeling?”) moest ik weer eens, dat is niet meer veranderd in de afgelopen 13 jaar, toegeven dat mijn mensen het beter weten dan ik.

Onze mensen wachten zelfs niet meer op de Actuele Vraag. Zij lezen de kranten en als ze op een typisch steekvlamartikeltje botsen dat over onze sector gaat, beginnen ze al te schrijven aan het antwoord op de actuele vraag die inderdaad een paar dagen later binnenvalt. Zeldzaam zijn de keren dat er nog iets moet bijgewerkt worden aan hun ontwerp van antwoord.

En mocht je, lieve lezer, ook toevallig journalist zijn en stilletjes gloriëren over de enorme impact van de vierde macht op het parlementaire werk, lees dan vooral de laatste zin niet.

Regelmatig moeten we antwoorden dat wat in de krant stond niet helemaal correct was, wat administratees is voor gazettenpraat.

Naschrift

Deze tekst verscheen voor het eerst in De Standaard Avond van 14 augustus 2015

Video Superchunk: https://www.youtube.com/watch?v=BwKFqUiJLXo

 

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Roxanne

Bethia Beadman, The Old Ships

But I don’t know what it’s like to be a man

I don’t know what it’s like to be a man.

And if I were the same, you might be frightened less

And if you came, body and soul, back into the blue, back into the whole

Well I wouldn’t feel so overwhelmed when you are gone

Back to the black, back to your rock.

At the Beach, Bethia Beadman, The Old Ships, 2013

Amnesty International wil prostitutie legaal maken. Twee jaar geleden heb ik er op deze plaats voor gepleit om drugs te legaliseren. Ik weet dus wat Amnesty International te wachten staat: mailboxen vol hoon en geschreeuw, brievenbussen vol bijbels en honderden nieuwe twittervolgers die je niet wil.

Mensen reageren extreem emotioneel op alles wat met drugs en prostitutie te maken heeft. “Drugs moeten verboden worden. Punt” twitterde een verstandige vrouw me toe. Argumenten? Geen oor naar. Voor die nochtans vrijzinnige dame was het verbod een natuurwet die shariagewijs moest toegepast worden.

We zullen weer propere lijstjes zien opduiken met argumenten pro en contra legalisering van prostitutie, maar het valt te betwijfelen of er iemand zijn mening wijzigt. Wie al voor legalisering is, heeft er meestal realistisch, gedocumenteerd en op morele wijze over nagedacht. Wie er tegen is slaat meestal een moralistische toon aan.

”Je zal zelf wel druggebruiker zijn”. Het was een vast thema in de verwijten twee jaar geleden. Ik heb nooit drugs genomen. En ook in hoererij ben ik geen ervaringsexpert. Toch onderschrijf ik het Amnesty Internationalstandpunt helemaal. Twaalf jaar lang woonde ik in een hoerenbuurt. In 1988 waren de meeste meisjes “van hier”. Sommigen waren zelfstandig, sommigen werkten met een hoerenmadam en sommigen met een pooier. Twaalf jaar later was het al een 24/24 zeven op zeven bedrijvigheid met meisjes die van overal aangevoerd worden door bepaald ongure types. Je voelde de ontmenselijking toenemen. Hoe moet het dan zijn in landen als India of Kenia?

Wel, dat weten we. “Het geweld is niet enkel fysiek en seksueel, maar kan ook willekeurige arrestatie en opsluiting, afpersing en pesterijen, gedwongen hiv-testen en andere medische interventies inhouden, net als het uitsluiten van gezondheidszorg, huisvesting en andere sociale en wettelijke voordelen”, bewijst Amnesty International in zijn prostitutierapport.

De hoerenmadam in mijn toenmalige straat, geloofde niet dat meisjes vrijwillig in de prostitutie stappen. “Al mijn meisjes zijn misbruikt in hun jeugd”, vertelde ze me. “En nu nemen ze weerwraak. De mannen moeten letterlijk betalen.”

Het schept een beeld dat heel ver staat van de romantische sferen die we in liedjes, films of literatuur voorgeschoteld krijgen wanneer er een prostituee opgevoerd wordt. Soms zaten er in de Belgradostraat onwaarschijnlijk mooie vrouwen achter de vitrine, en betrapte ik mezelf op de domme en seksistische bedenking “die kunnen toch iets anders vinden?” maar ik heb er nooit een Roxanne, Pretty Woman of een Pretty Baby gezien.

Daarom is het behoorlijk wrang dat Hollywoodcoryfeeën zoals Maryl Streep, Kate Winslet en Emma Thompson hun naam zetten onder de petitie die Amnesty International onder druk zette om hun voorstel van decriminalisering van prostitutie in te trekken. Hebben we ooit hun stemmen gehoord over de leugenachtigheid waarmee de red lights districts in beeld worden gebracht in hun branche?

 Naschrift

Deze tekst verscheen als Mening in De Standaard Avond op 13 augustus 2015.

Mijn mening over drugs verschenen in De Standaard Avond op vrijdag 23 augustus 2013: https://frankvanmassenhove.org/2013/08/24/de-drugsoorlog/

Video Bethia Beadman: https://vimeo.com/42487563

Bethia Beadman is niet alleen een fantastische artieste, ze is ook een bijzonder warme vrouw. Haar eerste album heb ik gekocht bij Bandcamp. ik liet daar een boodschap van verwondering na: hoe kon het dat z’n talent niet opgepikt werd door een groot platenlabel? Bethia mailde me direct om me te bedanken en vertelde wat ze allemaal had meegemaakt. Ze richtte haar eigen Roselie Records op en stuurt nu alle ineens hevig geïnteresseerde platenlabels wandelen.

En de muziekpers luves her. Ten bewijze:

Roselie Records

 

 

 

 

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Buitenbeentje

the Bad Plus, Blunt Object

We Are The Champions, the Bad Plus, Blunt Object, 2006

Raar dat de kleurentelevisie ingevoerd is in de jaren zeventig toen de wereld alleen uit grijstinten bestond . Op de hyper ideologische universiteiten was er geen grijs, alleen zwart en wit. In de Rechten droeg je ofwel een net pak/broekpak of een parka. De pakdragers wilden zo snel mogelijk stagiair worden bij een gerenommeerd advocatenbureau, de parka’s waren bezig met de revolutie. De parkavoorhoede bereidde de kladderadatsch voor in de net opgerichte wetswinkel.

De pakdragers begrepen niet dat goede studenten zoals Johan Vande Lannotte, u welbekend, Willem De Beuckelaere, baas van de Privacycommissie, Dirk Voorhoof, nu professor persrecht en wijlen professor Koen Raes hun toekomst zo konden vergooien. Ze maalden niet om geld en status maar werkten onverdroten aan de stralende toekomst.

Ik was ook wetswinkelier maar wijdde mijn tijd vooral aan de wetswinkelspin-off Red Star Sluizeken, dat zijn hoogtepunt bereikte op een mistige oktoberdag toen we Humo’s Onoverwinnelijke Elf in de pan hakten. De uitslag herinner ik me niet meer maar wel dat Frank Raes meedeed en niet tegen zijn verlies kon. Ook Carl Huybrechts keek alsmaar sipper en speelde steeds ruwer.

Anno 2015 bestaat Red Star Sluizeken nog altijd maar de tijden zijn drastisch veranderd. Hun (rode) kleuren worden nu verdedigd door een liberaal: Egbert Lachaert. De Red Stars hebben over zijn kandidatuur even lang gediscuteerd als de Open Vld-partijtop in 2012, toen hij het als vrijwel onbekende en totaal tegen hun zin opnam tegen Gwendolyn Rutten voor het voorzitterschap van de partij. Ultiem werd Lachaert geen voorzitter maar wel een Red Star omdat hij een grappige vent is, op het Atheneum Voskenslaan studeerde en een buitenbeentje is.

Dat alles bewees hij gisteren ten overvloede. Hij stelde voor de loonanciënniteit te verbieden. Herinner je nog dat scheurend geluid tijdens de uitzendingen van de BEL10, het programma waarin Radio 1-luisteraars twee weken lang beleidsvoorstellen voorlegden aan politici? Dat waren liberale politici die over hun stoel begonnen te schuiven telkens er iemand voorstelde iets te verbieden. Het gaat tegen het diepste van hun wezen in, dat verbieden. Het is bijna net zo erg als iets veranderen voor socialisten. En nu stelt die dekselse Lachaert toch wel voor iets te verbieden, zeker?

Lachaert heeft natuurlijk gelijk, er zijn veel belangrijkere criteria om het loon te bepalen en het is slecht voor schoolverlaters en oudere werklozen, maar of hij gelijk krijgt is een andere zaak. Het kabinet Peeters reageerde lauwtjes, maar dat, weten we ondertussen, wil niets zeggen. Het probleem is vooral dat die loonanciënniteit al bestaat. Mensen zijn evolutionair veel meer gericht op het strijden voor iets dat ze al hebben, dan op het vechten voor iets dat ze nog kan komen. Mensen die voor onze FOD willen komen werken hoeven niet direct meer te verdienen maar haken af als het minder blijkt te zijn. Mark Elchardus geeft terecht het beleidsadvies “beter minder meer dan weer minder”.

Ratio haalt het nooit van evolutie. Jammer voor de buitenbeentjes.

Naschrift

Deze tekst verscheen in Mening van De Standaard Avond van 12 augustus 2015.

Meer informatie over Red Star Sluizeken: http://www.standaard.be/cnt/6m1vqrhi

Het citaat van Mark Elchardus vind je zijn boek Het Grootste Geluk.

Video We Are The Champions: https://www.youtube.com/watch?v=z7ggVUqYvdg

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Mosselen

Lodger

Uncage the colours
Unfurl the flag
Luck just kissed you hello
When you’re a boy

Boys
Boys
Boys keep swinging
Boys always work it out

Boys Keep Swinging, David Bowie, Lodger , 1979

De kinderen, Julie-Marie en Evert-Jan, vroeger had je daar vier kinderen voor nodig, vinden niets aan dat Wirtschaftswerte. Ze zien een aftands rek met vieze dingen erop. Joseph Beuys, in de hoek, naast een tekst die uitlegt “dat de schilderijen die de rekken flankeren, geschilderd werden tijdens het leven van Karl Marx (1818-1883), een belangrijk communist”, slaat het tafereel met zijn gebruikelijke somberte gade. Papa doet toch nog een poging om de kleintjes warm te maken voor het iconische werk: “Hiermee wilde de kunstenaar aanklagen dat de West Duitsers niet echt opgezet waren met de komst van de Ossies nadat de Berlijnse Muur gevallen was in 1989”. Ze knikken beleefd en lezen nog eens de tekst onder de foto van Joseph Beuys (1921 – 1986).

Ik neem me hier en nu voor, als ze er ooit zijn, mijn kleinkinderen op een warme augustusdag naar dit SMAK te loodsen en hen met de Grande Casserole des Moules te confronteren. Dan kan ik hen uitleggen dat Broodthaers hiermee wilde aanklagen dat 60% van de Belgen niet opgezet zijn met al die immigranten die aan onze rijke tafel willen aanschuiven. Wedden dat Marcel Broodthaers (1924-1976) het daar in zijn hoekje uitproest?

Met dat percentage laten we toch maar mooi de Turken en de Russen achter ons. Maar de echte verliezers van onze afkeer van het vremde zullen onze kinderen zijn. The Economist, toch niet echt opvolgers van Marx (belangrijke communist), toont met veel bravoure aan dat migratie altijd economische groei met zich brengt. George Friedman, de baas van Strategic Forecasting, gaat nog verder. Welzijn en welvaart van een land worden vooral bepaald door geopolitiek en immigratietolerantie, poneert hij. Tenzij er een Belgische Archimedes opstaat die de hefboom uitvindt om ons land te verplaatsen, kunnen we niet veel aanvangen met die geopolitiek maar is er geen antidotum tegen onze vreemdenallergie?

Friedman geeft ons weinig moed. Landen die de knapste koppen, de technische onderlegde vingers en mensen zonder empathische beperking aantrekken, hebben een rijke ervaring met migratie en zijn nog behoorlijk leeg. Het dicht bewoonde België dat, anders dan de Verenigde Staten, Canada of Australië geen kaas gegeten heeft van integratie, heeft niet de beste troeven.

En al mogen nagenoeg alle politieke partijen de grote intolerantie die uit de landenvergelijking blijkt, betreuren, de kans dat er op een andere manier met economische migratie zal omgegaan worden dan met humanitaire, is met deze studie nog kleiner geworden. Kijk maar hoe snel een liberale premier zoals Cameron de poujadistische migratiestandpunten van Nigel “Van Rompuy is een dweil” Farage’s UKIP achterna loopt.

Beuys maakte van zijn leven kunst en van de kunst zijn leven. Hij geloofde dat kunst de wereld kon veranderen. Zullen we die 60% angstigen naar het SMAK lokken? Beuys, keep swinging!

Naschrift:

Deze tekst verscheen op 11 augustus 2015 ons Mening in De Standaard Avond.

De uitleg over Marx hangt niet naast het werk maar staat op de website van het SMAK: http://smak.be/nl/nieuws/wirtschaftswerte-van-joseph-beuys-terug-opgesteld-in-smak

Interview met George Friedman: https://www.youtube.com/watch?v=zpAkT5YnpEA

Video David Bowie – Boys Keep Swinging https://www.youtube.com/watch?v=UMhFyWEMlD4

 

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie